Roots natuurpad, etappe 26, 27, 28

8, 9 en 10 april 2023

Het voorjaar hangt in de lucht. Vogels hebben ’t hoogste lied, er klinkt een waar symfonieorkest aan vogelgeluiden. Territoriumdrift kan heel mooi klinken.

We beginnen in Niftrik, waar we onze auto parkeren bij Hoogeerd. Volgens goed gebruik, als de gelegenheid zich voordoet starten we met koffie en appelgebak. De meidoorns bloeien, de tere witte bloemetjes zijn verraderlijk lieflijk, de takken hebben scherpe doorns. De lammetjes in de wei zijn gewoon lief, niks aan verborgen malaise hier. Er bloeien zelfs al pinksterbloemen en dotterbloemen. Zacht lila en knalgeel. Fraai.

We steken de Maas over naar Ravenstein. Het is een leuk oud vestingstadje, jammer genoeg hebben we geen tijd om hier lang rond te hangen. We noteren het in ons achterhoofd voor als we een keer willen kamperen. Vervolgens lopen we de Maashorst op. Het is nog wat droog en dor, her en der ontspruit er wat voorzichtig groen. Er wiekt een buizerd over en een leeuwerik heeft het hoogste lied boven ons in de lucht. Al hebben de bomen nog niet allemaal hun tere voorjaarsblad, door de kwinkelerende vogels hebben we toch een voorjaarsgevoel.

We verblijven in Hotel Brasserie Verhoeven in Uden. Een drie sterren hotel, dus basic. De kamers zijn oké, wel weinig daglicht en wat typisch van vorm. Bijzonder is het dat we eerst moeten afrekenen voordat we de sleutel van de kamer krijgen. Daarentegen is het ontbijt inbegrepen bij de prijs. Dat is bij duurdere hotels vaak niet het geval. We vinden het jammer dat we onze consumpties en diner ook gelijk moeten afrekenen, het kan niet op de kamer worden gezet. Blijkbaar een afzonderlijke administratie of zoiets.

Dag twee lopen we opnieuw over de Maashorst In dit stuk zitten taurossen, wisenten en exmoor-pony’s. De wisenten grazen in een afgesloten gebied, wat niet toegankelijk is voor wandelaars. We wandelen half door bos, half over heide. Het is een mooi gebied, heel afwisselend. Meerdere keren spotten we buizerds die boven ons hoofd cirkelen. Ook zwartkop laat zich eerst horen met zijn fraaie zang en zien we even later ook in een boompje zitten.

Volgens de kaart en de beschrijving wandelen we naar Veghel over een oude spoorlijn , de zogenaamde Duitse lijn. Wij vermoeden dat het heel saai lopen zal zijn. Gelukkig blijkt het verrassend leuk om over de spoordijk te lopen. Er staan herinneringsborden met lokale verhalen langs de route en toelichting op waar de spoorlijn voor diende.

De laatste dag van onze driedaagse beginnen we over het industriegebied van Veghel. Dat is helaas erg saai, ingeklemd tussen de verkeersaders A50 en de N-weg naar het bedrijventerrein Veghel langs het kanaal valt er weinig te genieten qua natuurbeleving. Al moet je het soms in het kleine zoeken en vinden, een torenvalkje dat boven de berm van de A50 bidt en een roodborsttapuit in de singel langs de sloot.

De route voert ons vervolgens door het Wijboschbroek dat voor Schijndel ligt. Een verrassend mooi onbekend stuk. In het broekbos staat ons ineens een reebok aan te staren. De grote donkere ogen boven zijn zwarte snoet, een flits en dan zien we alleen de witte spiegel van zijn achterwerk tussen de bomen verdwijnen. Het is een afwisselend bos, als zijn er ook verschillende blokken met monocultuur, ik vraag me af of dit dan productiebos is? Er zijn ook stukken waar de monocultuur is losgelaten, daar is de begroeiing meer divers en omgevallen bomen laten ze liggen. We worstelen ons door en over een paadje dat helemaal overgroeid is met bramen, waarschijnlijk is er een routewijziging geweest die wij niet hebben opgezocht van te voren.

Verderop loopt het pad door een veld van bloeiende bosanemonen en speenkruid. Het ligt als een wit kleed op de bosbodem. Het pad is drassig en modderig, broekbossen zijn nat dus heel verrassend is het niet. Het pad wordt aan de sporen te zien ook door crossmotoren gebruikt. Dat doet het pad geen goed, er zijn diepe sporen getrokken in de bodem waarin het water blijft staan. Er liggen soms boomstammen en dikke takken op het pad, waarschijnlijk om motorcrossers tegen te gaan. Het pad is hier echt niet voor bedoeld. Ik snap crossen sowieso niet laat staan door een natuurgebied. Maar de gemotoriseerde ‘natuurliefhebber’ laat zich moeilijk weerhouden dat blijkt wel.

We sluiten onze driedaagse af met een borrel in Schijndel. Een goede afsluiting van 3 heerlijke dagen. We hebben weer een mooi stukje Nederland ontdekt en ook het ontstellend lelijke centrum van Uden (waar het op de terrassen wel gezellig was ;-)).

Oostpunt Ameland, 17 maart 2023

Wanneer heb je een eiland echt gezien? We zijn op de westpunt geweest, kriskras over het eiland gefietst en verschillende wandeltochten gemaakt. Toch hebben we niet het idee dat we het eiland volledig verkend hebben. Er valt altijd iets nieuws te ontdekken, ook op plekken waar je eerder was. Vandaag herhalen we een stuk van een eerdere route en plakken er een nieuw stuk aan vast. We gaan naar de uiterste oostpunt van Ameland. Over een eindeloze zandvlakte, een heel breed strand lopen we langs de Noordzeekust richting het eind van het eiland. Links van ons een tweetal boortorens, jammer toch dat onze overheid dit goed vindt. Ja, het levert ons geld op, maar hoeveel schade brengen we zo toe aan de natuur? Lessen die we maar moeizaam leren met elkaar.

We zijn inmiddels al een paar dagen op dit Waddeneiland en we vinden het wel hoog tijd om een zeehond te zien. Dat laat zich niet dwingen, dat snappen wij ook wel. Dus groot is onze vreugde als we in het zeegat tussen Ameland en Schiermonnikoog ineens een donker koppie tussen de golven zien. Nieuwsgierig kijkt de zeehond om zich heen, duikt onder en komt even later weer omhoog. Zo speelt hij een tijdje verstoppertje met ons, elke keer is het zoeken waar hij zich zal laten zien. We draaien om en nuttigen onze meegebrachte lunch in de lage duinen, de eerste aanzet voor nieuwe duinen van het wandelende eiland. In de luwte van de richels blijken sneeuwgorzen te zitten. We zien een stuk of drie paartjes. Mooie vogeltjes, voor ons de eerste keer dat we ze in Nederland zien. Eerder zagen we ze in IJsland. Op de terugweg zien we een dode zeehond liggen halverwege het strand. Het lukt een relatief jong dier en nog niet lang dood. De ogen zijn verdwenen, de rest van het dier is nog intact. Het fluwelen lijf half ondergestoven door het zand, alsof het dier bijna opgegeten wordt door het strand en zo weer terug wordt getrokken naar de zee. Vergankelijkheid in beeld.

We besluiten onze tocht met een biertje bij het Koikershuis, het laatste, meest oosterlijk gelegen restaurant van Ameland.

Hagendoornvallei en Môchdijk, 16 maart 2023

Tussen de regenbuien door gaan we wandelen net ten westen van Nes. Rond een oude dijk, die er overigens uit ziet als een duinenrij. Het is een ruig gebied met een grote plas in het midden. Veel watervogels zoals grauwe ganzen, slobeenden, knobbelzwanen en wilde eenden. In het struweel veel kbv’tjes, of te wel kleine bruine vogeltjes. Ik vind het lastig vogels op geluid te herkennen, sommigen ken ik wel maar heel veel niet. Wij vermoeden in aantal gevallen leeuwerik omdat het vogeltje al zingend boven ons uitstijgt en dan fladderend als een badmintonshute naar beneden komt. Volgens obsidentify is het vogeltje dat ik fotografeer een roodkeelpieper. Die zijn heel zeldzaam, een echte dwaalgeest. Lijkt me stug dat die het is. Ik denk dus dat het een graspieper is of een duinpieper. Ik bedenk te laat dat ik het geluid had kunnen opnemen en kunnen laten identificeren via Birdnet. Geweldige app waarmee je vogelgeluid kunt opnemen en het kunt laten analyseren. Weet je in ieder geval wat je hoort en soms ook ziet 😉

Onder het wandelen is het droog geworden en er schijnt zowaar een waterig zonnetje. We fietsen naar Ballum waar we een Nobeltje willen proeven bij hoe verrassend restaurant Nobel. Een lekker likeurtje met een licht bittertje er in. Na het bittertje lopen we door het dorp. Een mooi oud hart rond een soort van brink. De kerktoren staat los van het kerkgebouw, dat hebben we vaker gezien hier op het eiland en verder in Friesland. Via de waddendijk fietsen we weer terug naar Buren. Onderweg zien we een grote groep wulpen in een weiland. Een mooi gezicht al die steltlopers die met hun snavels in het gras peuren naar wormen. Op de basaltblokken langs de dijk vallen de scholeksters bijna niet op als ze ineengedoken met hun felrode snavel in de veren, ogen dicht en poten kort onder zich zitten. Daarvan zien we nu weer heel grote groepen, pas als je dichtbij bent zijn de meest wantrouwende types die dan opvliegen. De rest wacht het af of we geen bedreiging zijn en blijven lekker zitten. Op de plek waar we eerder al twee keer een setje eidereenden zagen zijn ze vandaag niet te bekennen. Jammer.

Het Oerd en Nieuwlandsreid, 13 maart 2023

We hebben het maar gedeeltelijk getroffen met het weer. Vandaag staat er weer een storm: windkracht 7 tot 8 met uitschieters naar 9. Het is wat je noemt onstuimig weer. Nu houden wij wel van dit type weer, al prefereren we dan met de auto naar het strand te rijden in plaats van met de fiets.

Onze bestemming vandaag ligt op de oostpunt. We willen een wandeling door het Oerd maken. Dat kan nog net, vanaf 16 maart mag je het gebied niet meer in in verband met de broedende vogels. We beginnen bij de Blinkert. Bij het uitkijkduin is de houten omheining omgewaaid in het stormgeweld van de nacht. Aangezien er al nieuwe materialen liggen lijkt het dat de gemeente al wist dat houtwerk verrot was. Niks te vroeg dus de vervanging van de reling. We lopen eerst langs de waddenkust, door het Nieuwlandsreid. Daar bivakkeren grote groepen ganzen, zodra we te dichtbij komen stijgen ze op nadat ze eerst al waggelend hebben geprobeerd voldoende afstand tussen hen en ons aan te brengen. Als dat naar hun idee niet lukt kiezen ze het luchtruim. Het is een magnifiek gezicht om ze tegen de wind in te zien opstijgen, soms zwenken ze met de wind mee en dan zijn ze in een oogwenk weg.

De route voert ons daarna met een doorsteek naar de Noordzeekust. Hier woedt een zandstorm, we worden gegeseld door het zand. Met onze capuchons op, gelukkig wind mee, lopen we gejaagd door de wind richting de punt van het eiland. Het strand is voor ons alleen. Het zand klinkt als regen op je hoofd. We voelen ons poolreizigers, het geluid lijkt wel op striemende ijsregen op onze capuchons. Het zand wolkt om de duinen en kleine zandhozen kolken op het strand. We zijn blij als we ter hoogte van het boorplatform landinwaarts kunnen.

Het wandelpad loop langs de rand van het Oerd, een ruigte van gras en riet waarin het voor vogels goed toeven is. We nemen een kleine pauze op een bankje en kijken met plezier om ons heen. Links van ons de duintoppen, voor ons het wuivende gras en riet met af en toe een grauwe gans, rechts de witte schuimkoppen op de Waddenzee. Bij de Blinkert terug aangekomen wordt inmiddels gewerkt aan de vervanging van de omheining. We fietsen met een stevige tegenwind terug naar ons appartement.

Ameland, 11 maart 2023

In ons voornemen om alle Waddeneilanden te bezoeken zijn we in de volgorde van de TVTAS inmiddels bij Ameland aanbeland. Voor mij is het lang, lang geleden dat ik hier tot twee keer toe naar toe wadgelopen ben. Toen bestond mijn bezoek uit door het slik en water te ploeteren, naar een wierschuur te lopen, daar droge kleren aan trekken en de bus naar de veerboot te nemen. Een zeer uitgebreide blik heb ik destijds niet op het eiland geworpen. Lief was hier ook ook één keer eerder, lang geleden. Samen waren we hier nog niet.

We starten mooi op tijd met ongeveer een uur speling op de vertrektijd van de veerboot. Dat blijkt niet onverstandig, bij aankomst in Holwerd staan we eerst bij de verkeerde poort, namelijk die waar je ook met de boot het eiland op kunt. Dat willen wij helemaal niet, we laten de auto in Holwerd staan. Dus keren en naar de betreffende parkeerplaats. Daar krijgen we de vraag hoelang we blijven, op ons antwoord een week wordt ons verzocht op het bovendek te gaan staan in verband met verwacht hoog water. Die afslag naar het bovendek zie ik over het hoofd waardoor ik aan het eind weer moet keren, de man van het parkeerterrein enigszins hoofdschuddend een ketting losmaakt en een pilon opzij zet zodat ik alsnog naar boven kan rijden. Daar moeten we onze fietsen van de drager afhalen, de bagage opladen, de accu’s in de fiets doen. Al met al best een tijdrovend klusje. En omdat onze fietsendrager behoorlijk uitsteekt wil lief die er af halen en in de camper zetten. Zo zijn we wel een kwartier kwijt en we zijn blij dat we op tijd vertrokken zijn. Eenmaal bij de boot bedenken we dat we onze fietshelmen nog in de bus hebben laten liggen. Lief fietst terug om die alsnog mee te nemen. Zo… laat dan nu de boot maar komen.

Er staat een koude wind, een plek op het panoramadek slaan we over. We gaan beneden zitten, een lekker kopje snert gaat er wel in. Na een klein uur komen we aan op Ameland. Vandaar is het ongeveer 10 minuten fietsen naar ons appartementje ‘ De Pea’debloem’ in Buren. Onze gastvrouw laat ons ‘huis’ voor deze week zien, het ziet er allemaal goed uit. We laden onze spullen uit en fietsen dan terug naar Nes om wat boodschappen voor het avondeten te doen. Die brengen we terug naar het appartement en bedenken dat we onze eerst dag natuurlijk strand moeten zien. Dus, met nog een kleine omweg via opnieuw de supermarkt, want uien vergeten, naar de noordkant gefietst. Daar wacht het strand op ons, dat op sommige stukken bezaaid ligt met scheermessen. Allemaal leeg, waarschijnlijk hebben verschillende vogels hier al een feestmaal gehad. Er zit in ieder geval een grote groep meeuwen met de kop in de veren op het strand. Je zou ze van herkauwen van dat feestmaal kunnen verdenken. Dan wordt het tijd om terug te gaan naar ons appartement, eten maken en naar bed. De eerste dag zit er wel op.

Schijndel-Liempde-Oisterwijk. Rootsnatuurpad. 4 en 5 maart 2023

Soms vergeten we onze plannen tegen de tijd dat we willen gaan wandelen. We waren van plan om bij het doorkruizen van De Maashorst een dag extra daar te verblijven, omdat het zo’n mooi gebied lijkt te zijn. Daar hadden we de paasdagen voor uitgekozen. Toen ik ons hotel ging boeken was dat dus het idee. Maar ja, al pratend met J. met wie we samen het rootspad lopen naast G. en mijn lief, kwamen we tot de ontdekking dat we dan aan het eind wat lastig uitkwamen bij de verdeling van de etappes. Het idee om twee etappes rondom Maashorst over te slaan veranderde in drie etappes overslaan. Dus was de keuze voor een hotel en restaurant in Veghel misschien niet het handigst. Maar ach, er was daarmee ook geen man overboord. We gingen lekker twee dagen aan de wandel en onze bedjes waren in ieder geval geregeld.

Lief en ik starten alvast in Brabant omdat we op vrijdag een begrafenis van een oom van lief in Nieuwkuijk hebben. We hebben bij vriendin M. afgesproken om bij haar te eten en te slapen. Ze woont in Drunen en dat scheelt ons mooi heen en weer rijden, naast het feit dat het fijn is om M. weer eens te zien en bij te praten. In Nieuwkuijk wonen naast de oom en tante van lief ook onze vrienden F. en L. Een appje om te horen of ze ‘s middags na de begrafenis toevallig thuis zijn wordt instemmend beantwoord. Zo slaan we wel heel veel gezelligheidsvliegen in één klap. Bij M. zorgen wij voor het avondeten, M. vindt het heerlijk als er voor haar gekookt wordt. Op de zaterdagochtend vergeten wij in de haast bij vertrek onze tas met de rest van de boodschappen, lekker suf. M. brengt dat heel lief naar ons hotel, omdat ze toch naar de Maashorst moest.

Met die ongebruikelijke start is voor ons gevoel de dag al half voorbij, en dan kunnen we ook het eindpunt van de wandeling niet vinden. Het is een parkeerplaats van het Brabants landschap aan de Liempdsedijk in een natuurgebied. Vlak voordat we de plek lijken te bereiken doemt er een tunneltje voor ons op dat er uit ziet als fietstunnel. We rijden de weg ernaast op, zien wel dat dit alleen voor bestemmingsverkeer is, maar willen even zien of de parkeerplaats toch niet daar is. Om de hoek van een woonhuis blijkt de weg afgesloten met een paal en moeten we keren. Een onvriendelijke man komt uit het huis gestoven ‘wat we hier te maken hebben’….. lief probeert uit te leggen dat we de Liempdsedijk zoeken, een parkeerplaats. Of we maar willen vertrekken en of we soms het bord niet hadden gezien, we waren op zijn terrein. Lief meldt de man dat hij wel erg onvriendelijk is, wat niet echt bijdraagt aan de hulpvaardigheid van de man. Als we het straatje weer uitrijden komt er een auto van handhaving aangereden. Op mijn verzoek vraagt lief de weg naar de parkeerplaats. Het blijkt dat we toch onder de tunnel door moeten en dat het dan aan de linkerkant zit. Zucht… zo komen we er dan toch. G. en J. zijn ook net aangekomen.

We rijden met één auto naar Schijndel, al waar onze wandeling begint. Vandaag is het redelijk wat asfalt lopen, al lopen we ook langs en door natuurgebieden. De lente hangt in de lucht. Af en toe steekt er een zonnetje door de verder grauwe lucht en dan voelt het gelijk ook warmer. De elzen en de hazelaars hebben al katjes, ik krijg daar altijd een voorjaarsgevoel van. Naast de bloeiende sneeuwklokjes in de berm en her en der wat speenkruid…. Het geluid van de fietspomp… ik bedoel de territorium verdedigende koolmezen om ons heen….Ja de lente komt er aan.

Er zitten zo waar een paar restaurantjes langs de route, de eerste is helaas deze week gesloten. Misschien zijn ze aan het bijkomen van het carnaval de week ervoor? In Liempde is er gelukkig wel iets open. Het is toch lekkerder om met dit weer even warm binnen te zitten. Goed opgewarmd en met de kennis die lief heeft opgedaan over de teloorgang van de landbouwwerktuigenshow van Liempde stappen we verder. We lopen door het Dommeldal en langs het beekje De Beerze. De Dommel was vroeger een heel vervuilde rivier, maar is nu ondanks zijn roestbruine kleur een schone rivier geworden die door het kleinschalige landschap meandert. We hopen op een ijsvogel maar we hebben geen geluk.

Volgens het gidsje zitten er in dit gebied ook edelherten. Mijn kennis van het verspreidingsgebied wordt hiermee uitgebreid. Ik dacht dat edelherten alleen op de Veluwe en in de Oostvaardersplassen voorkwamen, met af en toe een loslopend exemplaar in Drenthe en Flevoland. Maar hier zitten ze dus ook. We moeten dat voor waar aannemen, ze laten zich in ieder geval niet zien. Vlak voordat we bij het eindpunt zijn spotten lief en ik wel 3 reeën. Die vluchten weg zodra ze ons in de gaten krijgen, hoewel er echt een stevige afstand tussen hen en ons zit.

We overnachten in Veghel bij Slapen in Veghel. Een klein hotel met acht kamers. Een zeer aardige eigenaresse die gastvrijheid hoog in het vaandel heeft. Ze meldt ons dat ze de bederfelijke etenswaren uit de boodschappentas die M. heeft gebracht zolang in de koelkast heeft gezet. Dat is echt lief en attent. We eten ’s avonds bij Trattoria da Roberto, alwaar we ook al zo’n goede gastheer treffen. Het overkomt je niet vaak dat je als je in een restaurant komt je persoonlijk de hand wordt geschud door de gastheer en hij zich voorstelt. Er staat een grappig welkomtsbordje op onze tafel met de tekst Ciao Erna. We eten er een heerlijk 4 gangen verrassingsmenu. Ons ferme voornemen om niet te veel te drinken houdt geen stand als Robert(o) ons vertelt over zijn BOB wijn arrangement. Totaal ruggegraatloos zijn we 😉 de wijnen laten zich goed smaken en we troosten ons met de gedachte dat het telkens maar halve glaasjes zijn.

Dag 2 lopen we door de Mortelen, de Kampina en de Oisterwijkse bossen en langs de vennen. Bij Heerenbeek zwemt een mandarijneend mannetje en vrouwtje en een wintertaling in het ven bij het huis en kasteel. Zulke fraaie gekleurde eendjes! We spieden de hele tijd naar edelherten, die laten zich ook vandaag niet verschalken door ons. Het is een afwisselende wandeling al is het stuk door de Kampina veel rechtdoor. Vandaag is het meer over zand- en bospaden, wat wel zo prettig loopt. In de Kampina spreekt lief met man die ons pad kruist en qua uiterlijk op een kennis van ons lijkt. De man zit om een praatje verlegen en dan heeft hij aan lief de juiste persoon. De man woont in Liempde vertelt hij, zet zijn auto ergens neer en gaat dan op de bonnefooi wandelen. Hij blijkt nu niet te weten waar zijn auto staat. Op de melding van lief dat wij richting Oisterwijk lopen slaat hij toch maar snel af. Daar moet hij niet zijn. Ik hoop maar dat hij zijn auto die dag nog teruggevonden heeft. De heide waar we over heen lopen is nu erg nat, er staan grote stukken blank. Waarschijnlijk zal het deze zomer wel anders zijn. Ben benieuwd of de heide zich herstelt van de grote droogte die we de afgelopen zomers hebben gehad nu het zo nat deze winter is geweest.

Het laatste stuk gaat meer door de bossen, afgewisseld met vennen. De loofbomen zijn nog kaal en daardoor doet het nog wat doods aan. Alleen bloeiende hazelaars en elzen geven wat kleur met hun katjes. Op één stuk staan heel veel berken bij elkaar waardoor we ons bijna in Scandinavië wanen. Er hangen af en toe donkere luchten boven de bomen maar we houden het gelukkig grotendeels droog. We sluiten af bij restaurant Groot Speijk van Natuurmonumenten met het gebruikelijke biertje aangevuld met bitterballen en zoete aardappelfrietjes. Lekker.

Philippine, 2. 3 en 4 september 2022

Zeeuws-Vlaanderen is voor ons een onbekend stukje Nederland. Fijn dat onze vrienden A. en M. voor ons jaarlijkse gezamenlijke weekend weg precies daar een tiny house voor 4 hebben gevonden. Na een lange rit bereiken we Phillippine, het ligt zo’n beetje tegen de Belgische grens aan. Het tiny house is ook echt klein, wel heel knus. Er is plek voor 4 goedwillende volwassenen, twee tweepersoons bedden boven elkaar. Een eettafel met vier stoelen, een klein keukentje en een douche en toilet complementeren de uitrusting. Het water komt uit een put gevuld met regenwater. Voor het maken van koffie en thee moeten we water in de kas halen van het huis van de verhuurder dat verderop staat. Ruimte om binnen te loungen met z’n vieren is er niet echt. Dus we zijn blij dat het mooi weer is, we genieten buiten van een prachtige nazomeravond.

De volgende dag gaan we fietsen richting Breskens. Fijn dat er fietsknooppunten zijn om ons een beetje op weg te helpen en te kunnen berekenen hoe groot de afstand is die we gaan afleggen. Maar zoals vaak blijken onze plannen in de praktijk iets te ambitieus. We beginnen met door wat kleine dorpjes te fietsen met namen waar ik nog nooit van gehoord heb. Naast Phillipine, waar ik ook niet eerder van hoorde Biervliet, IJzendijke, Waterlandkerkje, Schoondijke… allemaal nieuwe namen voor mij. Onze route leidt ons langs de Westerschelde. In het slik scharrelen kleine zilverreigers en we spotten meerdere keren een wulp. Op de achtergrond tuffen grote vrachtschepen voorbij richting Terneuzen of nog verder naar Antwerpen. Natuur en het menselijk bedrijf in één plaatje.

We lunchen in Breskens. Onze route terug blijkt te ver voor M., zoals gezegd zijn we vaak te ambitieus met onze plannen 😉 Dus fietsen we langs min of meer doorgaande wegen terug naar ons kleine huisje. Onderweg spotten we nog wel een stel lepelaars op een akker waarop het graan al geoogst is. Ik dacht altijd dat lepelaars echte vis- en schaaldiereters waren maar blijkbaar pikken ze ook graag een graantje mee…. letterlijk. ’s avonds eten we mosselen bij Restaurant De Zwaan. Je kunt ook wel iets anders eten in Philippine, maar ze staan bekend om hun mosselen. Hele Belgische/Vlaamse families komen in het weekend Philippine overnemen. Er staan dank ook heel wat auto’s met Belgische nummerborden geparkeerd in het dorp dat in het centrum vooral uit mosselrestaurants bestaat. Ik moet zeggen, de mosselen waren uitzonderlijk lekker. We roemen de serveerster voor de kwaliteit van de Zeeuwse mosselen en dat we nog niet vaak in Zeeland zijn geweest. We worden bestraffend toegesproken…..foei.. of we ons wel even willen realiseren dat we in Zeeuws-Vlaanderen zijn en dat het heel anders is dan Zeeland. Waarvan akte. Als blijkt dat lief en ik uit Alkmaar komen maken we al weer iets goeds, haar zoon blijkt groot fan van AZ te zijn… wat dan wel weer bijzonder is voor een Zeeuwse Vlaming.

De volgende ochtend hangt er een stevige mist waar de zon voorzichtig door heen probeert te prikken. Ik loop met mijn camera over het terrein om foto’s te maken van de mist op spinnenwebben. In de vijver op het terrein zie ik een waterkonijn, of te wel een muskusrat peddelen. Even later zie ik ook nog een jong uit het hol kruipen dat zich in de rand van de vijver bevindt. Daar zal het hoogheemraadschap vast niet blij mee zijn. Door de droogte van de afgelopen weken is er bijna geen dauw. Toch schiet ik een mooie plaatjes met zon die door mist heen prikt. Dan is het alweer tijd om op te ruimen. De eigenaresse heeft ons gemeld dat we appels en peren mogen plukken in de boomgaard omdat ze veel te veel hebben. De eigenaar moet vreselijk lachen om die Hollanders die alles doen om iets gratis te bemachtigen… tot aan springen op een trampoline om hogere appels en peren te plukken. Wij vinden het niet erg, met ieder zo’n 3-5 kilo appels en stoofperen rijker vertrekken we om nog een wandeling te maken in de buurt.

We wandelen naar Braakman en het nieuw geplante bos. Opnieuw is het warm tot heet. De zon brandt op onze hoofden en er is niet zoveel schaduw. Gelukkig hebben we deze keer wijzer besloten en hebben we niet een heel lange wandeling bedacht. De afvoerkanalen die het land doorkruizen staan grotendeels droog, het water van het grote kanaal moeten we vermijden in verband met verminderde waterkwaliteit. Een eventueel verfrissende duik zit er dus niet in. Na de wandeling gaan we ieder onze weg, M. en A. naar Amsterdam, wij met een tussenstop bij vrienden in Middelburg terug naar Alkmaar.

Rootsnatuurpad: Driel-Winssen-Wijchen

26 en 27 november 2022

We starten met 2,5 etappe Rootspad bij Driel, onderaan de Rijndijk. Het is fris najaarsweer. Dit weekend zal het qua asfalt wandelen waarschijnlijk afzien zijn. Bij het Maarten van Rossumpad liepen een aantal jaren geleden ook door de Betuwe, aan dat stuk bewaren we geen warme herinneringen. Veel asfalt, langs wegen of fietspaden. Weinig onverhard. Maar goed, wij willen een pad helemaal lopen en dus hoort dit erbij. Inderdaad loopt het eerste stuk langs asfaltwegen, het eerste stuk ook langs een wat bredere weg voor doorgaand verkeer. Op de achtergrond horen we ook steeds het geruis van de A50. In een sloot langs de weg zien we een onbekende eend. Nog nooit eerder gezien, als ik het later op zoek blijkt het een Carolina-eend te zijn, maar dan de ‘blonde’ variant. Een ‘normale’ Carolina-eend is zwart, deze is wit. Voor G. is lopen over asfalt altijd lastig, het kost dan moeite om het lichaam in beweging te houden. Dus nemen we op een bankje bij een boerderij een pauze. Achter ons zit een grote buizerd, als ik hem op de foto wil zetten vliegt hij op maar strijkt even verderop aan de overkant van de weg neer op een paaltje. Omdat wij achter een heg zitten kan ik hem dan nog beter op de foto krijgen, dus best prettig zo.

We lopen langs het buurtschap Homoet, met een oude boerderij en een snoepig klein kerkje. Hoe oud de boerderij is weten we niet, maar we vermoeden gezien de diversiteit aan bouwstijlen dat er stukken zijn die uit de 15de of 16de eeuw stammen. Het kerkje lijkt ons iets jonger maar staat parmantig op een terp. Na Homoet lopen we via Huis Schoonderlogt richting Valburg. Tegenover de oprijlaan is een monument geplaatst voor een Airborne divisie onder leiding van van captain Dick Winters. We kruisten net ervoor al een straatje dat Winterstraat heet, ik zei nog grappend dat ze een ‘s’ vergeten waren op het naambordje. Ik denk nu dus dat het echt zo is en dat dit weggetje Wintersstraat zou moeten heten, vernoemd naar deze kapitein van de Easy Compagnie. Dan koersen we af op Valburg waar we hopen een lunch te kunnen genieten in het plaatselijke restaurant. Valburg kent iedereen van het knooppunt, hoevelen kennen het plaatsje zelf? Het is een klein maar ook oud dorp. De kerk is al uit de 12de eeuw, in de eeuwen erna zijn er verschillende verbouwingen geweest. We lezen op het bord buiten de kerk dat er oude muurschilderingen zijn ontdekt. Helaas is de kerk niet open dus kunnen we ze niet bewonderen. Jammer is het dat in Nederland kerken zo weinig open zijn buiten eredienst tijden en open monumentendag. Het kan blijkbaar niet om de deur open te zetten in verband met vandalisme? Onze hoop op een warme lunch gaat in rook op als we zien dat het restaurant pas vanaf 17 uur geopend is. Er staat een man boodschappen naar binnen te brengen dus trekken we de stoute schoenen aan met de vraag of we misschien toch even binnen mogen zitten. De man in kwestie roept de eigenaaar en die zegt dat we binnen mogen komen en dat hij wel even koffie voor ons zet. Wat een gastvrijheid! Het Wapen van Valburg kan niet stuk bij ons. Even lekker opgewarmd en bijgekomen kunnen we verder richting de Waal. Eerst moeten we nog de Betuwelijn en de A15 oversteken. Langs een recreatieplas waar de horeca tot onze verrassing wel open is, maar die slaan we nu over. Bij de plas een bijzondere vogelkijkhut, een kunstproject. Een toegangsvlonder waarover soort walvisbaleinen zijn gezet en daarachter een soort ruimtevaartvoertuig waarin je naar de vogels op de plas kunt kijken. Via het oude landgoed Loenen komen we onderaan de Waaldijk. Daar wordt ons de weg versperd door grote hekken. Er wordt aan dijkverzwaring gewerkt, maar niet in het weekend. Wij wurmen ons dus langs de hekken en lopen vervolgens onderlangs de uiterwaarden richting de Tacitusbrug. Het stuk door de uiterwaarden is prachtig. Het late najaarslicht zet de nog resterende bladeren in een gouden gloed, de blik achterom naar de bossen van het landgoed biedt eenzelfde fraaie aanblik van goudovergoten bomen. Dan blijkt als we de brug over willen steken dat ons ook daar de weg wordt versperd door grote hekken. Dat hadden we natuurlijk kunnen weten. Lief loopt onder de brug door in de hoop dat er aan de andere kant een pad is. G. loop hem achterna. J. en ik nemen de situatie in ogenschouw, helemaal onderlangs weer richting het begin van de brug hebben we geen zin in. We zien dat er voldoende ruimte onder het hek is om op onze buik onder door te kruipen. Als volleerde commando’s, haha echt niet, gooien we onze rugzakken af, tijgeren we onder het hek door en komen uit op het fietspad van de brug. We zien lief helemaal aan de andere kant van de brug staan en denken dat hij langs die kant gaat. We zwaaien, we zien jullie straks wel aan de overkant. J. en ik steken de brug over en verwachten onze mannen daar te treffen. Maar niets is minder waar. We zien ze niet. Dan maar even bellen. Blijkt dat het pas aan de andere kant een busbaan was, dat leek G. toch niet zo’n fijn idee om daar over te lopen en uiteindelijk is lief dan toch ook maar teruggekeerd met G om onze route te nemen. Het laatste stukje gaat nog door de uiterwaarden bij Winssen, de zon zakt nu snel. In het laatste licht vinden we onze auto terug, halen nummer 1 op en rijden naar Hotel Umberto in Wijchen.

De volgende ochtend begint het gelijk al te miezeren bij het ochtendgloren. Het zal de hele dag grauw blijven, afwisselend droog en regen. Inmiddels zijn we in het Land van Maas en Waal aangekomen. We starten in Winssen en lopen richting Bergharen en Hernen. De route loopt iets meer door bos en door velden, wat een prettige verandering is ten opzichte van gisteren. We hopen op wat restaurantjes onderweg, maar het zit ons weer niet mee. Bergharen blijkt een bedevaartsoord te zijn. Onze lieve vrouwe ter nood heeft een kapel waar we zelfs droog kunnen zitten onder een oude piëta uit de 13de eeuw. De moeder Gods ontfermt zich over deze reizigers te voet die graag even willen zitten en zich willen warmen. Dat laatste moeten we dan vooral in onze eigen koffie zoeken, het is een openlucht kapel. Maar wel fijn dat we droog kunnen zitten.

Dan stappen we richting Hernen. Vlak voordat we bij het kasteel zijn komen we in het bos een roetveegpiet tegen met Ozosnel, het paard van Sinterklaas. Sinterklaas houdt residentie in het kasteel, we zien kindertjes met ouders naar binnen gaan. We hopen dat er binnen een kleine restauratiemogelijkheid is maar helaas…. Ook in het dorp geen restaurantje open voor lunch. Deze dag, het is tenslotte zondag, komt de heer ons te hulp. Het kapelletje in de kerk is gelukkig open, zodat we in ieder geval droog en beschut onze broodjes op kunnen eten. Zo zitten we weer onder de vleugels van Maria. We zouden er gelovig van worden. Als dank branden we een kaarsje voor onze overleden ouders en de moeder van G. die als laatste ouder nog leeft. Dan lopen we door richting het buurtschap Leur, waar warempel wel het restaurant open is. Die kans laten we niet voorbij gaan om nog even op te warmen voordat we de laatste kilometers langs Wijchen afleggen. Het stuk langs de rondweg van Wijchen is niet echt leuk, het laatste stuk richting de Maasbandijk is wel weer aardig. Een paar biologische varkens komen ons al gillend tegemoet als we langs hun scharrelwei lopen. Die hebben straks als ze geslacht worden een goed leven gehad. We lopen naar het eindpunt van vandaag: Hotel Hoogeerd. Daar genieten we van een hele late lunch of vroeg diner. We zijn blij dat we de Betuwe en Land van Maas en Waal achter ons laten. Volgende keer wacht ons het stuk richting de Maashorst.

Zuiderzeepad: Den Oever-Medemblik-Wervershoof

19 en 20 november 2022

Het is een vorstige dag als wij met M. en B. ons volgende lange afstand pad beginnen nadat we het Westerborkpad afgerond hebben. We gaan het Zuiderzeepad lopen. We beginnen niet in Enkhuizen, waar de route officieel begint maar onderaan de Afsluitdijk. Het is net alsof we geen begin kunnen maken met wandelen. Eerst zoeken we een goede plek om één van onze auto’s neer te zetten ergens langs de IJsselmeerdijk ter hoogte van Kreileroord. Langs de polderweg lijkt ons niet zo handig, het is nogal nat en moddering. Het wordt bij de haven ‘Oude zeug’, net iets dichter bij Den Oever dan waar het 15 km punt zou zijn. Dan met de andere auto naar Den Oever. We willen natuurlijk graag starten met koffie en appelgebak, maar restaurant Basalt is nog niet open. Het viscentrum ‘t Wad gelukkig wel voor koffie en appelgebak.

Daarna lopen we nog even binnen bij de visafslag. Lief en ik komen daar graag, al is het al een tijdje geleden dat we hier waren. Sinds het overlijden van mijn vader rijden we minder vaak op zaterdagochtend over de Afsluitdijk. Bij de visafslag kun je verse vis kopen en er staan een paar kleine stalletjes van lokale ondernemers. Lief ziet een paar mooie visfileermessen, daar wil hij er wel één van. Na deze aankoop moet het er dan toch maar van komen, we gaan op pad.

We lopen van zout naar zoet, zodra je onder de Afsluitdijk door loopt ben je in zoetwatergebied. Dat hebben ze leuk gemarkeerd door op het viaduct aan de éne kant in hoofdletters Zoet en de andere kant Zout te zetten. We lopen langs de Marina richting het Robbenoordbos. Daar zitten boommarters heb ik gelezen maar die laten zich niet zien. Van het Robbenoordbos loopt de tocht via een plas en dras gebied richting het Dijkgatbos. De bomen zijn hun bladeren nog niet allemaal kwijt, het bos is rood, bruin, geel, oranje gekleurd waar het vorstige zonnetje door heen prikt. Op de weilanden grote groepen met spreeuwen. In de ruigte zie je ze bijna niet zitten maar als ze opvliegen zie je wat voor grote groep het is. Prachtig hoe de groep opstijgt, wegdwarrelt en dan verderop weer neerstrijkt.

Na het Dijkgatbos moeten we de IJsselmeerdijk op. Het voelt een beetje als moeten, het vriest en de wind blaast koud van het water. We zien langs de weg een aantal auto’s staan en bij goed kijken lopen er verderop in het veld een aantal mensen op een rij. Het is jachtseizoen. We zijn blij als we onze auto zien staan, met de straffe oostenwind op het lijf is het niet echt aangenaam. We hebben allemaal een rode kop van de wind en de kou. Op de terugweg naar Den Oever rijden we langs het jachtgezelschap van mannen en honden. De jacht is succesvol geweest, we zien zeker twee of drie dikke hazen over schouders hangen. Hoewel ik graag wild lust zie ik hazen toch liever in het veld. We halen de andere auto en dan naar ons hotel in Medemblik waar ons een biertje wacht.

Dag 2 starten we weer bij de haven ‘ Oude zeug’ en lopen dan gelijk de grasdijk weer op. Het heeft gevroren, de velden zijn wit van de rijp. De wind is gelukkig wat gaan liggen vannacht, dat scheelt in de gevoelstemperatuur. De zon komt er niet echt door, wel hangt er een roze zweem aan de horizon. Het kleurt de hemel prachtig in lagen van roze, geel en lavendelblauw. We moeten een paar keer van de dijk af, blijkbaar is er niet overal een recht van overpad geregeld. Op één van die doorsteken onderlangs lopen we door een weiland. M. wijst naar een bruin iets: “Kijk hier ligt een dode haas”. Met dat ze het zegt blijkt de haas helemaal niet zo dood, hij sprint er van tussen, over de sloot en de weg in volle vaart over. Zo zie ik een haas toch liever!

We naderen Medemblik, lopend over de dijk. Het torentje komt maar langzaam dichterbij, het is af en toe lastig lopen omdat er soms niet of nauwelijks een pad is en je dan licht stommelend over de graspollen loopt. Dan eindelijke lopen we langs gemaal Lely, prachtig jaren dertig gebouw naar het station van Medemblik. De stoomtrein naar Hoorn staat te dampen, wagons vol gespannen kindertjes die allemaal wachten op Sinterklaas. De locomotief is versierd met een grote mijter voorop. Pieten dartelen langs de wagons en Sinterklaas staat te overleggen met de machinist en hoofdconducteur. Het kind in ons steekt de kop op, voordat de goedheiligman vertrekt willen wij ook graag op de foto met Sint. Hij wenst ons een fijne wandeling toe.

Met deze goede wensen lopen we Medemblik in, op zoek naar een lunchgelegenheid. Bij het Hof van Medemblik strijken we neer. De erwtensoep is lekker al is het een wat dunnere soep dan ik gewend ben bij snert. Opgewarmd en versterkt lopen we Medemblik uit richting Wervershoof. Dit stuk loopt grotendeels buitendijks langs recreatieplassen en natuurgebieden. De natuur begint nu echt in winterstand te geraken. De bomen en struiken hebben het merendeel van hun blad verloren. Wat er nog aanzit is geel, bruin of rood. In het grijzige licht geeft dat een stemmige sfeer. Op het water groepjes met eenden: wilde eenden, smienten, kuifeenden. Daartussen vissende aalscholvers en een paartje dodaars. In de ondiepere gedeelten zilverreigers. Wanneer ik een foto probeer te maken vliegen ze elke keer op. Blijkbaar zijn stilstaande mensen met iets zwarts in de hand toch iets te bedreigend om voor te blijven staan. Zouden zilverreigers een collectief geheugen hebben waarin de jacht op hen opgeslagen is waardoor ze nog steeds schichtig zijn bij mensen in de buurt? Net voordat het echt begint te donkeren bereiken we de auto. Het eind van een mooie tocht.

Terugreis Dublin-Holyhead-Harwich-Hoek van Holland, 30 en 31 juli 2022

Dan is het moment daar, we gaan Ierland verlaten. We moeten vroeg op, we doen zo stilletjes mogelijk om de andere campinggasten niet wakker te maken. Je wordt niet blij als er om kwart over vijf ’s ochtends een hoop lawaai wordt gemaakt. Voor G. en J. is het jammer dat hun tent niet helemaal droog mee kan, het heeft gisteren nog wat geregend en er ligt dauw op de tent. Dat probleem hebben wij niet meer met onze camper. We rijden mooi op tijd van de camping, het hek is gelukkig open.

De veertocht naar Holyhead met de dagboot verloopt soepel. Het is wel lawaaiig met veel krijsende en gillende kinderen. Dat is het nadeel van een dagboot. Het voordeel is dat je met mooi weer kunt genieten van de tocht en de zeelucht aan dek kunt opsnuiven. Wij blijven deze overtocht toch maar liever binnen, het regent. Helaas rijden we het slechte weer in als we de boot afkomen in Holyhead. Langs de kust van Wales is het prachtig, en het klaart gelukkig ook weer een beetje op. Niets zo vervelend als met regen een lang eind te moeten rijden.

Op een pauzeplek langs de snelweg staat een stel met panne. Ze komen ons vragen of we hen kunnen helpen met startkabels. Hun auto is er zomaar mee opgehouden tijdens het rijden. De pauzeplek is een onmogelijk smalle strook langs de verkeersweg, alleen een dikke stoeprand scheidt de rustende reizigers van het voorbijrazende verkeer. Lief zet onze bus achteruit naast de auto van de Engelsen. Dan blijken de startkabels niet lang genoeg. Lief wil nog heel behulpzaam keren maar ik vind dat echt geen goed idee. Het zou een zeer gevaarlijke situatie opleveren met eventueel afslaand verkeer dat ook de parkeerplek op wil rijden en met alleen die dikke stoeprand tussen de weg en de parkeerplek. Gelukkig ziet lief dat ook en kunnen we het jonge stel niet helpen. We rijden door, we hebben tenslotte ook zelf nog een aansluitende veerboot te halen.

Allengs wordt het weer beter en dus warmer. Nog een fijne afsluiting zo, rijden met het zonnetje. Beide auto’s moeten nog bijgetankt worden. Ik sta bij de auto even mijn benen te strekken als er een grote tankauto het terrein op wil rijden. De bocht is nogal krap en er staat ook een personenauto geparkeerd. De chauffeur kan de bocht niet in één keer halen, hij steekt achteruit en rijdt daarbij een lantaarnpaal om. Zonder blikken of blozen rijdt hij daarna door en keurt de geknakte lantaarnpaal geen blik waardig.

Onderweg reserveer ik bij het restaurant in Harwich waar we bij een eerdere overtocht gegeten hebben. Blijkt het ter plekke een ander restaurant te zijn, naam niet goed onthouden, lekker suf van mij. Dit restaurant is ook prima. Na het eten rijden we naar de ferry, we nemen aan boord een afzakkertje en taaien af naar onze hut. Zo’n dag rijden gaat je niet in de koude kleren zitten, we zijn toe aan slaap. De volgende ochtend besluiten we onze reis af te sluiten met een ontbijt bij FF Tijd in Hoek van Holland. We zijn mooi op tijd, na ons komen er behoorlijk wat mensen voor een ontbijtspecial via Social Deals. Die drukte zijn we net voor. Voor ons is met het afscheid in Hoek van Holland de cirkel rond… het zit er op. Dag Ierland, we hebben genoten.