Braç, 16 mei 2022

T. en R. vertrekken na het ontbijt, er wacht werk op hen in Nederland. Wij blijven nog een dag langer voordat ook voor ons de arbeid roept. Vandaag willen J. en N. ons het heremietenklooster van Blaca laten zien. We rijden deze keer met de camperbus van J. en N., onze huurauto durven we niet te wagen op het onverharde rotsachtige pad naar het beginpunt van de wandeling. Aan het begin van het pad staat een oude afgetakelde Lada waarop in rode letters Russia Mafia staat. Er zijn duidelijk weinig vriendelijke gevoelens hier voor Russen sinds de inval in Oekraïne. We rijden verder over het pad tot aan het begin van de wandeling door de kloof naar het klooster.

Dit klooster is in de zestiende eeuw gesticht door monniken die op de vlucht waren voor de Ottomanen. Het ligt erg afgelegen en je kunt er alleen te voet komen. Of van bovenaf naar beneden lopend, zoals wij doen, of via zee met een bootje uit Bol naar boven lopen. Het is een fraaie tocht, het pad is goed te doen. Paar stukjes steil maar voor de rest loopt het min of meer geleidelijk naar beneden. Na ongeveer een half uur, drie kwartier sta je dan bij het klooster. En hoewel J. en N. het beiden hebben nagezocht blijkt het klooster nou net op maandag gesloten te zijn! Dat is pech hebben. Binnen schijnt een fraaie bibliotheek te zijn en een oude kapel. Dan zit er niets anders op en een keer terug te komen. De tocht is in ieder geval ook zeer de moeite waard. Er bloeit van alles langs het pad en er vliegen verschillende vlinders rond. En we spotten zelfs opnieuw een smaragdhagedis.

Terug bij de bus zet N. koffie. Dat is een groot voordeel als je een huis op wielen hebt, je bent van alle gemakken voorzien. J. wil zien hoever de nieuwe weg die aangelegd wordt richting Bol inmiddels gevorderd is. Het is een waar kunstwerk van haarspeldbochten de helling af naar beneden. De weg is niet af en we moeten uiteindelijk omdraaien. Volgens N. zijn ze niks opgeschoten en vraagt ze zich af wat nu de diepere gedachte achter de aanleg van deze weg is. Bol is via een andere weg prima te bereiken. De twee dorpen die we zien zijn meer van het formaat gehucht en Bol ligt echt nog achter een volgende heuvel. Wellicht geld van de Europese Unie?

Het wordt inmiddels wel tijd voor een heel late lunch. Dat gaan we in Dol doen bij de favoriete konoba van J. en N. Dol is een klein dorpje waar ze tot aan het begin van de twintigste eeuw nog grotwoningen bewoonden. Er zijn restanten over en een museumexemplaar ter plekke. Maar eerst lunch bij Toni’s konoba. J. en N. zijn duidelijk bekende gasten, er worden handen geschud en er wordt drank aangeboden. We moeten vooral ook binnen kijken bij de ketels waar drank in wordt gemaakt. Het zal ook eens niet 😉 We krijgen een soort grappa te proeven en drie verschillende soorten likeur. Lief besluit dat hij twee flessen mee wil nemen naar Nederland.

Na de lunch lopen we naar het kleine kapelletje van Sint Petrus boven het dorp. Het is warempel open, een fraai sober binnen roept om wat katholieke misliederen. Gelukkig kan lief daarin voorzien, het klinkt passend in het kleine kerkje. We voelen ons heel even ontstijgen aan het profane bestaan.

We zigzaggen door het dorp terug naar de auto. We passeren een gedenkplaat voor gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog. Braç was blijkbaar een broeinest van partizanen, men liep niet mee met de Duitsers en Italianen. Daar zijn ook mensen hun leven bij verloren. Het hondje dat ons al een tijdje vergezeld in het dorp loopt ineens hard voor ons uit als een auto het dorpsplein op rijdt, de baasjes zijn thuis gekomen. Deze tijdelijke baasjes vertrekken uit Dol terug naar Splitska waar lief en ik het laatste avondmaal op Braç verzorgen. Morgen terug naar huis. Het was kort maar zeer de moeite waard.

Braç, 14 mei 2022

Het is heerlijk om in een huis te logeren met een zwembad. Iedere ochtend duik ik even het water in, zo heb ik een frisse start van de ochtend. Daarna volgt het gezamenlijk ontbijt. We maken een korte wandeltocht vanaf het huis naar de Romeinse steengroeve waarin een beeltenis van Hercules te vinden moet zijn. We lopen een klein stukje door het dorp, waar de citrusbomen bloeien. Wat een heerlijke geur. Mijn twee schoonzussen N. en T. determineren al lopend diverse bloemen en planten. Dat gaat natuurlijk niet zonder stil te staan, goed te kijken en de kenmerken van de plant te bespreken als het om een wat onbekendere soort gaat. We steken iets verderop de weg over, langs het dal. Daar klinkt luidkeels van de overkant van het dal een zingende nachtegaal. Dat is toch wel een heel specifiek geluid. In de groeve is het zoeken naar Hercules. Het is dat zwager J. ons wat richting aanwijzingen geeft, anders is het eigenlijk niet te vinden. Misschien met een iets andere lichtval zodat je meer schaduwwerking krijgt en dan ook wat meer reliëf in de steen ziet. In deze groeve zijn de stenen uitgesneden voor het paleis van Diocletianus in Split. Dat geeft de groeve natuurlijk wel behoorlijk cachet!

N. wijst ons ondertussen op de wat kleine groepjes van boscyclamen en de laatste bloeiende orchideeën. N. begint in eens zeer enthousiast te roepen bij een boompje. Ze heeft een smaragdhagedis gespot werkelijk een prachtig beest. Ik zou een hagedis eerder op de grond verwachten, maar deze zit tussen het gebladerte in een boom. Hoewel het best een groot dier is, zo’n twintig centimeter lang valt hij door zijn schutkleur bijna niet op in het groen.

We lopen terug naar huis, onderweg nog wat doperwtjes die in de berm staan oogstend. Na de lunch vertrekken we naar Postira, een dorpje verderop. Het is een grappig dorpje, het wordt helaas misvormd door een hotel formaat groot cruiseschip. Het detoneert enorm, een groot wit gevaarte aan de zijkant van het dorp en de baai. De andere kant van het dorp is meer traditioneel, een aantal echt oude huisjes met zelfs gestapelde stenen muren en platte dakleien gestapeld. Jammer dat dat vreselijke hotel het aanzien van het dorp zo verpest en waarschijnlijk ook consumerende toeristen naar het dorp trekt.

We gaan een biertje en wijntje doen aan de haven, afhankelijk van de behoefte. We proberen de toestand in de wereld te bespreken onder het genot van drankje. Ook met het geestrijk vocht dat onze brein een beetje beneveld en natuurlijk ook briljante oplossingen kan veroorzaken krijgen we verschillende wereldproblemen helaas niet opgelost…. Op weg naar huis rijden we nog langs het naaktstrand. J. en J. duiken de zee in, de rest beschouwt het van een afstandje. ‘S avonds eten we samen en nemen afscheid van neef J. Die vertrekt morgenochtend vroeg met de veerboot om weer naar Sarajevo te gaan.

Antwerpen 3, 4, 5 juni 2022

Onze Vlaamse vriend J. viert zijn pensioengerechtigde leeftijd en dat is een mooie reden om een weekend in Antwerpen te verblijven. Het is het pinksterweekend en dus is het op de vrijdag idioot druk op de wegen. Naast het aantal kilometers wordt het door de enorme files een lange, lange autorit. Onze TomTom stuurt ons om de files te ontwijken dwars door Rotterdam. Je hebt dan misschien wel het idee dat je nog in beweging bent maar op een vrijdagmiddag over de Coolsingel is niet mijn idee van prettig reizen. We hebben gereserveerd op de stads camping. Die blijkt wat lastig vindbaar aan de overkant van de Schelde bij een groot sportpark. Eenmaal gevonden blijkt het zo’n typische stadscamping, beetje rommelig… met vogels van diverse pluimage maar ook gezellig. We installeren onze camperbus en eten een hapje.

De volgende dag hebben we in de ochtend tijd voordat we naar het feest van onze vriend J. gaan. We besluiten de noordkant van de Schelde te verkennen met een route van Route you… Dan blijkt het toch lastig fietsen op de aanwijzingen van de app. Er is een grote omleiding in verband met grote werkzaamheden voor de ringweg van Antwerpen. We besluiten dan maar de Sint Anneke route te fietsen die bewegwijzerd is. Maar als je dan zoals wij bordjes mist langs de route kun je nog lekker verdwalen. We moeten nog koffie halen, die is op. We zien borden waarop een Jumbo wordt aangeprezen. Maar ook deze blijkt niet zo makkelijk te vinden. Na enig zoek- en vraagwerk belanden we toch bij de supermarkt voor wat kleine aanvullende boodschappen.

Het is dan zaak om de route weer op te pakken. Dwars door weilanden langs kasteel Beveren. Fraai gelegen in een park waar het voorjaar al aanbreekt. Het laatste stuk fietsen we weer langs Schelde. Op de camping kleden we ons om en daarna met de fiets naar overkant via sint Anna tunnel. De lift is niet in gebruik dus moeten we met de fiets op de roltrap… Dat vergt wel enige handigheid om de fiets goed op de treden te plaatsen, die stevig vast te houden en zelf niet om te vallen.

De volgende dag willen we een wandeling maken langs streetart, murals in de binnenstad. Helaas is het weer omgeslagen en valt er regen, regen en nog eens regen. We besluiten met de waterbus over de Schelde naar verste punt te varen en dan pas naar de stad te gaan. Dan zitten we in ieder geval droog en zien we ook nog wat. Al valt dat laatste wat tegen, de ruiten van de waterbus zijn licht beslagen en de regen stroomt langs het glas naar beneden. Er hangt een grauw regensluier over de Schelde en de industriewijken waar we langs varen. Toch is het wel een boeiend landschap van industriële optreksels. Er zijn industriële complexen waar wordt afgefakkeld en we horen het brullen van het vuur… stoom en rook stijgt op uit pijpenstelsels.. lichtjes in het staketsel van buizen. Het geheel doet buitenaards en spookachtig aan.

In de stad aangekomen is er nog steeds sprake van stevige regen. We besluiten dat we een late lunch gaan doen bij de Taveerne Jan zonder Vrees. We zijn de enige gasten, naast een oudere man in rolstoel alleen aan een tafel. De eigenaar maakt een praatje met ons en de oudere man blijkt zijn 93 jarige vader te zijn. Er ontspint zich een gesprek over zorg voor je ouders en hoe je dat in een gezin wel of niet met elkaar oplost. Zijn vader is dementerend, maar wil niet naar een verzorgingshuis. Deze zoon steunt zijn vader er in, zijn zus kan of wil de zorg niet delen. Het is een herkenbaar duivels dilemma waarbij deze man vrees ik de zorg voor zijn vader niet langdurig kan bolwerken in zijn eentje met ook een zaak erbij. Zijn vader woont nog zelfstandig maar wij zien hoe moeizaam het fysiek gaat en hoe verward de man soms reageert. Het ontroert ons hoe deze man over en met zijn ‘pappeke’ praat. Heel liefdevol schenkt hij hem een glaasje wijn, krijgt hij ijs en koffie.

De wandeling langs muurschilderingen valt tegen. Mijn telefoon is al snel leeg en wat we zien aan schilderingen is aardig maar ook niet meer dan dat. Het weer helpt ook niet mee, dus we besluiten om de wandeling af te breken. We sluiten af met een biertje op een terrasje. Het is inmiddels droog geworden. Tijd om naar de camping te gaan. De volgende dag vertrekken we redelijk op tijd, de voorspellingen zijn weer niet best en een tweede dag in de regen hebben we geen zin in. De camping houden we in ieder geval in gedachten, een leuke plek om van daar uit Antwerpen te verkennen.

Schipluiden

26, 27, 28, 29 mei 2022

Lief is uitgenodigd voor een feestje van een vriendin die 70 wordt. Ze geeft haar feest in op het landgoed Hodenpijl bij Schipluiden. Wij nemen de gelegenheid te baat om er dan een heel weekend van te maken en te kamperen. Ons oog is gevallen op camping t Zonneveld, aangesloten bij SVR. Schipluiden ligt in Midden-Delfland… een groen hart ingeklemd tussen Rotterdam, Delft, Schiedam. De camping is een kleine camping.  Ze hebben max. 8 plaatsen, vorig jaar hadden ze er nog 12 maar vond eigenaar toch teveel.  Hij vertelt ons dat het beheren van de camping een hobby is, hij heeft genoeg inkomen uit een vaste baan. De camping ligt midden in de polder.  Het is een beetje kaal, hoewel er wel wat struiken en bomen staan is er niet veel beschutting. En de camping ligt aan een druk weggetje, waar je lastig kunt oversteken naar een veiliger fietspad aan de overkant van de vaart. De eigenaar van de camping heeft er zelf een met de hand te bedienen pontje neergelegd, dat is wel heel sympathiek. Fietsen langs de weg is geen pretje. ’s Nachts hoor je overigens niets van het verkeer, het is blijkbaar een soort sluiproute voor woon-werkverkeer en voor recreatief verkeer van motoren. Later op de avond valt de verkeersdrukte weg en is het een stil plekje.

De dag na aankomst gaan we wandelen bij buitenplaats De Tempel bij Rotterdam. Omdat we niet de voortent willen afbreken pakken we de fiets naar het beginpunt. Dat blijkt iets verder fietsen dan gedacht met een pittig windje door oud Hollands polderlandschap en nieuw aangelegde natuurgebieden en recreatie terreinen. De Tempel is gedeeltelijk vergane glorie. Het hoofdgebouw wordt (weer) bewoond en ziet er goed uit. Het koetshuis is in verval maar wordt opgeknapt. Het is een idyllische plek in de Engelse landschapstuinstijl. We lopen eerst een rondje over het terrein en dan vervolgen we over een struinpad door een weiland. De zwaluwen scheren over ’t veld, Canadese ganzen met jongen bekijken ons met argwaan en gaan de sloot in als we hen te dichtbij komen. Een meerkoetpaar met twee jongen zit al in die sloot en als wij het bruggetje oversteken duiken de jongen in paniek onder…. ze komen niet meer boven. Wanhopig roepende ouders.. waar zijn hun jongen gebleven? Wij staan nog een tijdje te kijken, de sloot lijkt ons niet groot genoeg voor een grote roofvis, wat is er in hemelsnaam met die jonge meerkoeten gebeurd?

De tocht vervolgt over Hofwijck, begraafplaats en crematorium. Het is er vredig. Dan door de velden richting het Zweth. Daar blijkt dat we onze route moeten wijzigen in verband met het broedseizoen. Dat is jammer, nu moeten we een stuk over verhard pad en fietspad om een doorsteek naar de route te maken in plaats van door het weiland. Tussen Delft en Schiedam door lopend geraken we in oud-Overschie. Het is een fraai onbekend stuk Nederland. Echt verrassend leuk stukje. Af en toe schampt de wandeling aan bedrijventerreinen. Als we onze blik op het water links of rechts houden biedt dat soelaas voor het gevoel van natuurbeleving. Als we het rondje af hebben gemaakt fietsen we terug.

De volgende dag fietsen we ’s ochtends naar De Lier. Daar is een nieuw stuk natuur aangelegd. Een gruttoplas in Kraaiennest. En niet alleen de grutto zien we, ook een paar kluten met jongen en een paar bergeenden. ’s middags hebben we het feest in Op Hodenpijl.

Als we ’s avonds terug komen op de camping worden we aangesproken door een campinggast, of hij even in onze camper mag kijken. Hij blijkt bij dezelfde camperbouwer een inbouwpakket te hebben gekocht en hij wil weten hoe bepaalde zaken bij ons werken. Er zijn sinds wij onze camper hebben gekocht toch weer wat veranderingen doorgevoerd door de heren van Camperfixx, maar hij moest wel veel zelf uitzoeken en veel bellen met de bouwer. Wel grappig dat de man onze camper zag staan, herkende dat het van dezelfde bouwer was en gelijk wilde praten over onze ervaringen.

De laatste dag gaan we wandelen door polder waarbij we vertrekken van de camping. Het is echt een prachtig gebied. De oude polders met het water hoog in de boezem, het land ernaast laag gelegen. Met dreigende luchten erboven waaruit ook een bui valt… heel Hollands allemaal. Halverwege loopt de route aan andere kant water verder waarbij we een familie gans verstoren. Iedereen het water in met de koppen hoog en verontwaardigd opgeheven. We voelen ons een beetje indringers in hun domein. Volgens de knooppuntenkaart zouden er twee pontjes moeten zijn, maar we kunnen ze niet vinden. Op de aanlegplekken staat geen informatie, we denken dat ze niet varen, te vroeg in het seizoen? Volgens het bord zouden ze wel moeten varen… nou ja dan lopen we maar gewoon aan deze kant van het water verder richting Schipluiden.

We besluiten onze broodjes op te eten voordat we Schipluiden weer in het vizier hebben. Een tureluur achter ons, voor ons een rietzanger. En dan boven het riet aan de overkant wiekt een bruine kiekendief. Wat een magnifieke vogel is dat. Bovenop de jonge bergeenden en een visdiefje dat we eerder al zagen hebben we onze ‘vogelbuit’ wel binnen vandaag.

Hoogeveen-De Blinkerd, Westerborkpad

24 april 2022

Voordat we vertrekken gaan we afrekenen, dat is wel zo netjes natuurlijk ;-). We delen het bedrag door twee aan de balie. Bij de auto’s gekomen merkt B. op dat het wel erg weinig is voor een overnachting en een diner en nog wat borrelhapjes en drankjes. We bekijken de rekening en zien dat het meisje aan de balie het diner is vergeten te factureren. We lopen toch maar naar binnen om t recht te zetten anders zou ons t eten alsnog zwaar op de maag liggen. We willen één auto bij De Blinkerd, V.A.M.berg neer zetten. Dat is een afvalbult omgeturnd tot een soort van natuurgebied met fiets- en wandelpaden. We kunnen P noord niet vinden. Dan kiezen we op de gok een parkeerplaats die vlak bij het fietspad omhoog ligt in de hoop dat het dichtbij de route ligt. Met de andere auto rijden we terug naar station Hoogeveen. Gelukkig is het niet zo’n stuk meer door de stad, we lopen al snel de bebouwde kom uit. In het Spaarbankbosch is een gedenkplek voor 5 gefusilleerden tijdens WO II. Er staat een zeer toepasselijk gedicht bij dat helaas in deze tijd opnieuw weer actueel is. Het contrast is groot met de gruwel die zich hier heeft afgespeeld en op verschillende plekken op de aarde nog steeds elke dag voorkomen met de sfeer op deze plek. Het is een vredige plek, schaduwrijk onder de prachtige rode beuk die weer in blad begint te komen. We staan even stil bij de gevallenen van toen en onze gedachten gaan uit naar de bevolking van Oekraïne.

De wind is koud, maar het zonnetje is wel lekker. In de luwte of in de bescherming van het bos kan de trui uit, op de vlakte kun je hem best aan hebben. Door het bos lopen we richting Stuifzand. Bij een spoorwegovergang zit een broedende ooievaar, het nest boven op een treinpaal gebouwd. Iets terug waren allemaal nesten op een paal, speciaal neergezet door mensen met manden er op zodat de ooievaars er zelf niet heel veel aan hoefden te doen. Die waren allemaal ongebruikt. Blijkbaar stond het de ooievaars niet aan. Hier is zelf gebouwd door 2 paren, want verderop zit nog een paar dat een zelfgebouwd nest op een paal naast het spoor in gebruik heeft genomen. Ze zijn blijkbaar niet van de prefab bouw deze ooievaars 😉

Stuifzand is een lief klein gehucht met vredig kerkhof. Er staat een bordje met de tekst: ‘Naar Siberië en terug…’ Siberië is een gehucht dat nog iets verder ligt maar waar we niet doorheen komen. Degene die de bewegwijzering heeft gemaakt heeft in ieder geval gevoel voor humor, je wilt misschien wel naar Siberië om eens te kijken maar je wilt zeker ook wel terug. Of het nu het Nederlandse of Russische Siberië betreft. Het schijnt dat er ook een Moskou ligt ergens in Nederland, wellicht zijn de namen over gehouden aan Napoleon en zijn veldtocht en zijn de namen meegenomen door de weinige Nederlanders die terugkeerden van de barre tocht van Napoleon?

Langs de route staat een herdenkingssteen voor werkkamp Kremboong, van het kamp is niets meer van te zien. Er ligt een groot boeket bij met een lint. Blijkbaar is het monument geadopteerd door een schoolklas, mooi dat op zo’n manier de geschiedenis levend blijft. Er staan naast het monument velden vol met bloeiende tulpen, het kleurrijk geheel in schril contrast met de harde omstandigheden meer dan 75 jaar geleden.

Dan lopen we het stroomgebied van Oude Diep in, een meanderend beekje. In het water staat de grote waterranonkel te bloeien een intens wit bloempje met een geel hartje, een prachtige bloem. In het gras naast de beek zit een bruine kikker verscholen in het gras. M. en ik stappen er bijna boven op. Er staat heel veel in bloei in de natuur, het voorjaar is echt een fijne tijd, alles wordt weer herboren. De oude vuilnisbelt komt in zicht, het is nu een natuurgebied waar gefietst en gewandeld wordt. En geskateboard. De helling van 13% lokt wielrenners maar biedt ook uitdaging voor boarders. Een aantal jongeren, geen van hen draagt volledige bescherming, razen van de bochtige weg af naar beneden. Helm, knie of polsbeschermers maar niet alles tegelijk. Het lijkt ons linke soep om van die berg af te skaten zonder goede bescherming.

We willen nog een afsluitend biertje maar er is geen restaurant of uitspanning onderweg. Dan maar terug naar Hoogeveen. De winkels zijn dicht en we treffen een uitgestorven centrum… bruisend Hoogeveen kent gelukkig nog één bruine kroeg waar we terecht kunnen voor ons welverdiende biertje.

Split, 12 mei 2022

We beginnen de dag met een tocht naar de vismarkt. Een relatief kleine hal waarin lokalo’s hun vis kopen en verkopen. Het is een wat onooglijk gebouw van buiten en binnen is er ook geen geld besteedt aan tierlantijnen. De vis moet zichzelf verkopen. Dat gaat zo te zien prima, het is een gaan en komen van locals die kritisch langs de stalletjes lopen en hun keurend oog over de aangeboden vangst laten gaan. We zien rode poon, makreel of sardines, schol, grote garnalen en mosselen en heel wat vissoorten die we niet thuis kunnen brengen. Leuk om te zien. Het is me opgevallen dat best veel mensen hier (nog) roken, behoorlijk wat verkopers staan boven hun waar te roken. Iets wat je in Nederland niet snel meer zult zien. Hier malen ze er niet om.

Van de vismarkt lopen we langs een warme bakker. Paar broodjes scoren voor ontbijt. De koffie to go kunnen we niet vinden, dan maar zonder. We zoeken een bankje aan de boulevard en eten daar in alle rust ons ontbijt, volkoren pizza punten met kaas en courgette, een gevuld broodje ook met kaas en courgette. Lekker! Dan op zoek naar koffie. We lopen richting de groenten- en fruitmarkt en daar spotten we een koffietentje. Lief vraagt om Kroatische koffie, dat is iets tussen espresso en americano in. Lekker bakje. Dan steken we de markt over. Een aantal grotere kramen, daarnaast heel veel kleine kraampjes met de oogst van het land van één persoon of boertje. Alles wordt hier nog afgemeten met bascules, weegschalen met gewichten. Het digitale tijdperk is hier nog niet ingetreden. De meeste verkopers hebben niet meer dan twee gewichten staan, waarschijnlijk hebben ze geen groot-inkopers aan hun kraam. Ook hier wordt veel gerookt door de verkopers. We kopen een paar mandarijnen om ons dieet aan te vullen met fruit.

We verlaten de markt en lopen naar de veerhaven. Even kijken waar we morgen de boot moeten nemen naar Braç. We kopen alvast een ticket en ons wordt verteld dat we er een uur van te voren moeten zijn en onze auto gewoon in de rij klaar moeten zetten. Met de tickets op zak besluiten we Marjan Hill te beklimmen en de wijk die ervoor ligt te verkennen. Lief heeft de plattegrond van de stad in onze kamer laten liggen dus we lopen een beetje op het gevoel naar boven. Er is een trap naar boven, wij denken dat we er ook via de wijk moeten kunnen komen. Ook deze wijk is een wirwar van steegjes. Net als in de binnenstad denk je vaak dat je doodloopt en dan toch is er aan het eind van een pleintje nog een steegje naar links of rechts. Dat maakt het wandelen hier één grote verrassingstocht. Ons gevoel laat ons in de steek of het labyrint laat ons niet los, in ieder geval komen we niet in de buurt van de top van de heuvel. Google Maps moet uitkomst bieden. We zigzaggen een stuk naar beneden en komen dan bij de ‘officiële’ trappen aan. Daar begint de klim omhoog. Er is een uitkijkpunt en verderop nog een iets hoger punt met een grote Kroatische vlag en kruis. Daar willen we eerst naar toe voordat we bij het eerste uitkijkpunt op een terras neerstrijken.

We hebben ergens een afslag gemist, we volgen een breed pad dat om de berg heen gaat. Aan het eind volgt een bocht naar rechts en dan lopen we met een flinke omweg naar het kruis en de vlag. Van daar af is het via een pad met trappen helemaal niet zo ver meer naar het eerste uitkijkpunt met terras. Tijd voor lunch bij Tereca Vidilica. We bestellen een lichte lunch, een salade met een bord met kaas, ham, noten en olijven. We nemen lekker de tijd, het uitzicht hier is echt prachtig. Dan dalen we af naar het centrum, doen wat kleine boodschappen, nemen een ijsje en gaan lekker op ons balkonnetje een boek lezen voordat we gaan eten.

Braç, 15 mei 2022

Na onze ochtendduik vertrekken we met N. en J. naar Pusisca, een fotogeniek dorpje. Het ligt aan een soort fjord dat aan het eind in twee delen opsplitst. In het dorp in een beeldhouwschool gehuisvest, de werken van enkele studenten staan voor de deur. We vermoeden dat enkele beelden in het dorp ook van de hand van een (oud)student zijn. De meeste gebouwen hier zijn gebouwd met het wit-crème kalksteen van Braç. Dat geeft het dorpje onder de strakblauwe lucht een mediterraan uiterlijk en het zal helpen de warmte buiten te houden. Ook hier scheren de zwaluwen over onze hoofden en nestelen ze onder de dakgoten van de oudere gebouwen. Spaanse mussen hebben brutaal oude zwaluwnesten gekraakt en broeden zij aan zij met de zwaluwen die van van armoede een nieuw nest moeten metselen.

We lunchen bij Konoba Aquila met een octopussalade en een portie frites. Lekker! Daarna rijden we naar t hoogste punt op Braç, Vidova Gora. Vandaar kunnen we op Bol kijken, een toeristisch plaatsje dat volgens N. en J. niet echt leuk is. Dat nemen we dan maar aan. Terwijl we om ons heen kijken duikt er een roofvogel vlakbij naar beneden de vallei in. We kunnen niet goed zien wat het is, we vermoeden een slangenarend. De kiosk bij het uitkijkpunt is open, tijd voor een versnapering in de vorm van een ijsje.

N. heeft ons lekker gemaakt met een bezoek aan het olijfmuseum in Skrip. Het is klein en kneuterig maar erg grappig zegt ze. Dus op naar Skrip. Aldaar blijkt het museum gesloten, pech! Bij het binnen rijden op het ‘dorpsplein’ snelt een oudere dame op ons af. Ze gebaart en meldt dat het museum dicht is maar dat we mee moeten komen. Haar dochter opent als de wiedeweerga het stalletje dat op de rand van het dorpsplein staat. Daarin flesjes olijfolie en drank en wat prullaria. N. Is erg kritisch, de olie is veel te duur zegt ze en het is in een toeristenfles gegoten. We kunnen veel beter flessen kopen bij de kasteelvrouwe. De oudere dame is zeer volhardend en we moeten als we niets kopen uit het stalletje met haar mee naar huis. Daar begint ze voortdurend over likeuren en raki en wijst de flessen aan. Maar we willen geen drank, we willen olijfolie. Dan laat ze het stenen bassin zien waarin de olijfolie zit, met recht olijfgroen. We krijgen een bekertje aangereikt met daarin de olie. N. Is er heel kritisch op, ze heeft eerder wijn bij deze dame gekocht en die was niet lekker. De olijfolie vindt ze veel te scherp. J. Heeft een beetje medelijden met de oudere dame, hoewel ze wel erg opdringerig en vasthoudend is beloont hij haar gedrag door een fles olijfolie te kopen. Hij vindt de pittige nasmaak juist lekker.

We steken de straat over naar het kasteel uit de elfde eeuw. Volgens N. zit de kasteelvrouwe meestal bij de poort maar vandaag zit ze er niet. De poort is wel open dus lopen we naar binnen om de binnenplaats te bewonderen. De kasteelvrouwe laat zich even later zien en begint ons in een mengeling van Italiaans, Duits en voornamelijk Kroatisch te vertellen over de geschiedenis van het kasteel. Hoe de Turken hier binnen vielen, hoe er twee families zijn omgekomen in de strijd. Al vertellend en aanwijzend leidt ze ons vervolgens naar de kelder waar, verrassing verrassing, ons de likeuren, wijn en olijfolie laat zien. Ze biedt ons likeuren aan om te proeven, dat willen we niet. N. wil 2 flessen van haar rode wijn en we proeven van haar olijfolie. Die is nog zelfs iets pittiger dan die van de overbuurvrouw. We hebben al een fles dus meer olijfolie hoeft niet. We lopen nog een stukje verder door het dorp, dat niet veel groter is dan een paar straten. Dan rijden we terug naar huis waar T. en R. voor ons hebben gekookt.

Braç, 13 mei 2022

Vertrek uit guesthouse, busstation. We hebben weer mazzel, bus 37 staat klaar voor vertrek. Op het vliegveld ons autoverhuurbedrijf zoeken. We zijn te vroeg, ik heb blijkbaar pas om 12 uur gereserveerd, het is nu half elf. De man beweert dat we dan een hele dag extra moeten betalen, wat een flauwekul! Na een hoop heen en weer praten, want we willen graag de boot van 12.30 halen krijgen we de auto mee. We moeten sowieso extra betalen voor het gebruik van de auto naar Braç en extra omdat J. Boven de zeventig is…. Wat een pootuitdraaierij! We besluiten dat ik dan wel in mijn eentje de chauffeur ben, zoveel zullen we toch niet rijden op het eiland.

We rijden terug naar Split naar de veerboot. Zoals altijd begint dan het wachten… om 12.20 kunnen we de boot oprijden. Ons geluk, not, de rijplank naar de tussenverdieping. Smalle rij, schuin omhoog. Niet mijn hobby, maar het gaat. Bij uitvaren van de haven zien we dolfijnen! Een leuke verrassing want hoewel er een groep tuimelaars in de Adriatische zee voorkomt, is de kans dat je ze ziet niet erg groot.

Van Supetar rijden we naar Splitska waar J. En N. Hun tweede huis hebben. We hebben een routebeschrijving gekregen want Google Maps stuurt je anders door heel smal en steil straatje. N. Staat ons al op te wachten. Ze hebben een prachtig huis met uitzicht over dorp en zee. Met hun groene vingers hebben ze van de tuin een lustoord gemaakt, het is een paradijsje.

We lopen naar het dorp. Biertje drinken. Juist als we weer richting het huis willen lopen zien we T. En R. In hun bus aankomen. Zij zijn ook voor de familiedag overgekomen. Nu is het wachten op neef J. Die voor de familie overkomt uit Sarajevo. Het wordt een gezellige avond.

Marseille, dag 5

11 april 2022

Vandaag kunnen we wat laatste dingen bekijken voordat we naar het vliegveld gaan. We besluiten een herkansing te doen op een groente- en fruitmarkt. Op de Place des Capucines bij Noailles zou er één moeten zijn. Aldaar worden we niet teleurgesteld, het is geen grote markt maar wel precies die uitstalling en uitstraling die ik zo leuk vind aan een markt. Hier komen verschillende werelddelen bij elkaar. Afrikaanse vrouwen in fraaie boubou’s, Noord-Afrikaanse vrouwen met hoofddoek in kaftan, mannen in hun djellaba’s, Franse mannen en vrouwen met hun boodschappenkarretjes achter zich aan, een enkele Aziaat. Wat bijzonder is bij deze stalletjes is dat de meesten een soort etalage-uitstalling maken van de groente- en fruitsoorten die ze verkopen. In roestvrije schalen tentoongesteld laten ze een rijke dis zien. Naast de prachtige opstapelingen die ze maken op de kraam zelf is dit voor mij een nieuw fenomeen. Nooit eerder gezien, alle handelaren op deze markt doen het.

We drinken bij een klein tentje bij de markt een kopje koffie en dan zoeken we in een Marokkaanse supermarkt naar de Provençaalse kruiden die lief nog steeds wil scoren. Het is even zoeken, maar dan vinden we toch tussen de ruime sortering zakjes met herbes de Provence. We nemen gelijk 4 zakjes mee, dan kunnen we weer even vooruit. J. heeft op internet nog een ander adres gevonden, een epicerie. Ach, we hebben tijd dus lopen we naar Saladin epicerie. Wat een feest! Och, had Alkmaar zo’n winkel, ik zou er niet weg te slaan zijn. Je waant je in de soek met de hoeveelheid kruiden, specerijen, theesoorten, bonen, couscous, etc. Te kust en te keur. Een feest voor het oog met al die kleuren en een prikkeling voor de neus door alle geuren. Allemaal los te koop, het wordt keurig voor je afgemeten in zakjes. Maar…. Geen herbes de Provence😉 Wel een bijzondere Iraanse kruidenmix, met pistachenootjes en kruiden, daar willen we wel wat van mee. En na enige twijfel besluit ik, nadat we al buiten hebben gestaan en onze weg vervolgd hadden, een zakje gerookte paprikapoeder zacht en pittig mee te nemen en een buisje saffraan. Allemaal wel te krijgen in Alkmaar al heb ik voor het gerookte paprikapoeder wel eens een stevige zoektocht moeten ondernemen. ‘T is te leuk om nog iets extra’s mee te nemen als souvenir.

We besluiten onze verkenning van Marseille met een tocht door de docks. De oude opslagloodsen van halverwege de 19de eeuw zijn opgeknapt en omgetoverd tot kantoren boven en beneden winkels en restaurantjes. Dat is duidelijk een goede combinatie, we lunchen er en de meeste tentjes lopen heel snel vol. Het ziet er gezellig uit. Dan lopen we terug naar ons hotel om onze koffer op te halen. Het is tijd om te gaan. De zoektocht op het vliegveld van Marseille naar de plek om onze koffer af te geven, in hal B, buitenom en dan vervolgens weer terug naar hal 1, naar onze gate bederft bijna ons humeur… de mooie herinneringen aan Marseille zijn afdoende om het chagrijn van al dat gedoe van slechte bewegwijzering en niet al te behulpzaam personeel snel te vergeten. Au revoir à toi Marseille! C’etait une bonne visité.

Split, 11 mei 2021

We gaan voor een kort familiebezoek naar Kroatië. De zus van J. heeft op Braç een tweede huis en heeft ons uitgenodigd voor een familiebijeenkomst aldaar. Ons plan was om er een kleine veertien dagen tussen uit te gaan en dan met de camper die kant op te rijden. Ik krijg dat niet geregeld qua werk dus uiteindelijk zijn het zes dagen en een vliegreis geworden.

We staan om 5 uur op en om kwart voor 6 fietsen we richting station. Schiphol en de KLM vragen om 3 uur van te voren aanwezig te zijn in verband met de drukte en de personele krapte. Dat vinden we echt te gek, we koersen op 2 uur en 3 kwartier voor vertrek op de luchthaven aanwezig zijn. Uiteindelijk kost het ons bijna een uur om na aankomst op Schiphol bij de gate te zijn en liep het hoewel druk redelijk door.

We landen rond 12 uur op vliegveld Split en na onze koffer te hebben opgepikt lopen we naar de bushalte. Goede timing, die komt precies aanrijden. We hebben gekozen voor de reguliere busdienst in plaats van voor de pendel. Goedkoper en net zo makkelijk. We eindigen net buiten het oude centrum en googlemaps leidt ons naar het adres van ons guesthouse. Er is geen bericht binnengekomen van onze host van Captains guesthouse, dus ik bel het nummer dat ik heb gekregen. Ik krijg de benodigde instructies voor het openen van het sleutel kastje en het verkrijgen van de sleutel van onze kamer. We zitten net tegen het centrum aan, goed te belopen en hopelijk net buiten het gedruis van de meute. De kamer is prima. Een kleine badkamer en balkon, een waterkoker en een kleine koelkast. Op ons balkon kijken we uit over de stad. Boven de huizen rondom gieren zwaluwen met hun karakteristieke geluid met daartussen een verdwaalde meeuw die klagelijk roept.

Na ons gesetteld te hebben en onze lunchbroodjes genuttigd te hebben gaan we de stad verkennen. Eerst richting het water, de zee. Daar ontmoeten we een mediterrane sfeer. Tikje mondain met grote terrassen, een kabbelende zee aan de kade en helaas ook de geur van een riool dat rechtstreeks op de zee loost. De mix van luxe en verval.

We lopen richting het huis van Diocletianus, nou ja huis… het is een heel complex. Een kerk, een klokkentoren, crypte, schatkamer en doopplek. Het is gesticht door de Diocletianus, Romeins keizer en vervolger van christenen. Toen het christendom voet aan de grond kreeg in Kroatië werd het voormalig paleis van Diocletianus omgetoverd tot een plek voor de christelijke eredienst. Enig gevoel van wraak of genoegdoening zal hier wellicht wel een rol hebben gespeeld. Het is een indrukwekkend complex, een mix van Romeinse restanten gecombineerd met vroeg christelijke kunst en met invloeden van latere perioden. Er is de laatste jaren duidelijk ook veel gerestaureerd, de klokkentoren is voor de helft nog de originele stenen, de andere helft is modern beton in zandstenenkleur gevormd naar de oude voorbeelden. Bovenop de klokkentoren heb je een prachtig uitzicht over de stad en de omgeving. De hoge bergketen als afgrenzing van het binnenland, de flattorens van de buitenwijken, de mediterrane daken met hun rode pannen in het oude centrum en de Adriatische zee met daarin een aantal eilanden die als een groene ketting voor de kust liggen en die je verlokkend roepen: kom naar mij, kom naar mij.

Klokkentoren Diocletianes

Na Diocletianus besluiten we dat het tijd wordt voor een biertje. Er is een overvloed aan terrasjes en restaurantjes. We kiezen er één op het plein van het oude stadhuis. Een fraai voorbeeld van Venetiaanse bouw. De stad kenmerkt zich door een veelheid aan bouwstijlen waarin je al die overheersers die hier de afgelopen eeuwen over het land hebben geheerst terug zijn te vinden. Veel smalle straatjes die je het gevoel van een labyrint geven.

We eten na ons biertje en een korte wandeling bij Bokeria, een beetje een toeristentent met bijbehorende prijzen maar wel erg lekker. En dan via de boulevard naar onze kamer, tijd voor een kopje thee en op tijd naar bed. Terwijl wij onze kop thee drinken valt de avond over uitgaand Split, de zwaluwen scheren hun laatste rondje op zoek naar insecten en een merel zingt zijn avondlied.