Marseille, dag 3

9 april 2022

Vanochtend willen we eerst naar een markt. Ik ben dol op voedselmarkten, met vlooienmarkten heb ik niet zoveel. Een beetje zichzelf respecterende Zuid-Europees dorp heeft minimaal één dag per week markt. In Marseille verwacht ik er wel meer. De vismarkt bij de haven was een leuke opwarmer, nu wil ik een echte, regionale markt. Volgens de reisgids is de voedselmarkt op Place Jean Jaurès, daar lopen we heen. Het leuke is dat we inmiddels op weg naar de verschillende dingen die we hebben bekeken al heel wat stukken van Marseille te voet hebben doorkruist. Soms bekende stukken, voor zover je daarvan kunt spreken na 2 dagen, soms nieuwe stukken. Nu lopen we langs een onbekend stuk. Marseille kent veel stukken stad waar de grens tussen arm en rijk smal is. Een paar straten maar scheiden de wat beter gesitueerden van de huizen waar onderhoud voor de eigenaren blijkbaar lastig is. Afbladderende verf op de luiken, bekladderde deuren. Vele namen bij de deur. Bij de wat rijkere woningen minder namen bij de bel en tralies voor de ramen.

De Place Jean Jaurès is een vrolijk plein, veel bomen, wat terrasjes en een flink speelterrein voor kinderen. Op het middenterrein een verhoging waarop de inmiddels bekende pubtentjes staan van daklozen. Een markt is er vandaag niet. Die blijkt hier op de weekdagen te zijn, niet op zaterdag. Jammer! Maar niet getreurd, het gidsje meldt dat op de Avenue de Prado een food en non-food markt is. Dan lopen we daar naar toe. Het is geen grote markt en een stalletje waar we Provençaals kruiden kunnen kopen is er niet. Ik word wel blij van de uitgestalde groenten en fruit. Stapels asperges, wit en groen, en enorme artisjokken. Fraai! ‘T is dat we al ingekocht hebben voor ons avondeten😉anders zou ik als een Française proberen de beste groente uit te zoeken en in mijn beste Frans (haha) marchanderen over de prijs. We drinken koffie in een restaurantje en maken een plan voor de middag. De ober raadt ons een trip naar Ile de Friole aan, dat is echt prachtig zegt hij. Dat gaan we dan morgen maar doen. Voor vandaag willen we kijken of we een restaurant voor morgenavond kunnen vinden waar we bouillabaisse kunnen eten op onze slotavond. En J. wil graag vanmiddag naar het museum van de oudheden, Dock Romain.

We lopen van de Avenue de Prado terug naar de haven. We zoeken telkens de zonnige straatkant op, de lucht is strakblauw maar het is behoorlijk koud met een straf windje. Op een pleintje vlakbij de haven vinden we een brasserie waar we lunchen en waar we reserveren voor morgen avond. Dan lopen we via het ticketkantoor voor de boottocht naar Friole en de calanques naar het museum. Omdat we het niet gelijk kunnen vinden zoekt lief het op op internet, het blijkt gesloten te zijn tot nader orde. Dat is een tegenvaller. Dan maar naar het museum over de geschiedenis van Marseille waar ze opgravingen van de oude haven hebben en de geschiedenis van de stad laten zien. Het is een aardige expositie waarmee we een beeld krijgen van de ontstaansgeschiedenis van de stad.

We besluiten nog een keer door de wijk Le Panier te lopen. Dat is een wijk met veel stijgende en dalende straatjes, af en toe een pleintje met daarop gelijk terrasjes. Het is een heel mediterrane wijk met naast oude huizen ook winkeltjes, negorijen en kleine restaurantjes. We strijken neer op een terrasje vlakbij Le Veille Charité. Het beste is een plek in de zon te zoeken en in de luwte. Na ons wijntje besluiten we dat het mooi is geweest. Op naar ons appartement.

Koekange-Hoogeveen, Westerborkpad

23 april 2022

Zoals we het graag zien kunnen we onze wandeltocht starten met koffie met gebak in Koekange. We starten waar we vorige keer gestopt zijn bij Eetcafé De Brouwmeester. Vandaag lopen we veel over asfalt, gelukkig wel door een mooi landschap. We zien heel wat ooievaars op nesten, een paar zelfs op elektriciteitspalen van de trein. Dat lijkt ons niet echt een rustige plek met het voorbijrazende treinverkeer. We lopen door het gehucht Echten. Het heeft een mooi oud landhuis. Voor huis Echten staat een ingezakte duiventil, één van de poten is waarschijnlijk aan verrotting bezweken. Nu rust het bouwwerk op één oor in het weiland en biedt het een meelijwekkend aanzicht. De schapen vinden er nog steeds schaduw, die trekken zich niets aan van de deplorabele staat van de duiventil. We kruisen hier het roots natuurpad, we hebben hier eerder gelopen. Toen stond de duiventil nog fier overeind.

Als we Hoogeveen naderen staat er langs de weg een herdenkingsplaat voor de familie Flokstra. Zij herbergden tijdens de tweede Wereldoorlog een groep onderduikers in hun boerderij. Zij werden verraden en kregen de Grüne Polizei ‘op bezoek’. Deze doorzochten 6 uur lang de boerderij van top tot teen. Ze vonden niets, de onderduikers zaten diep in de hooiberg verstopt. Als je je indenkt dat er 6 uur lang politie je huis en haard doorzoekt en jij weet dat er mensen verstopt zijn op je erg… je niets prijs mag geven, geen verdenking op de schuilplek mag geven… wat enorm stressvol moet dat zijn geweest!! Terecht staat er een plaquette voor de familie om hun moed te gedenken.

Op de hoek van de weg Hoogeveen in staat een ijscoman, zo’n ouderwetse met een kar. Hij heeft naast verpakt ijs ook schepijs. Voor een hoorntje moet je minimaal 2 bolletjes nemen, anders krijg je een bekertje, zo’n mottig cupje met kartonsmaak. Wij vragen of we voor een kleine meerprijs toch het oubliehoorntje kunnen krijgen bij één bolletje, maar hij mist het zakelijk inzicht om daar een rekensommetje op te maken. Het is één bolletje in een bekertje voor €1,- of twee bolletjes met oubliehoorn voor €2,-. Nou ja, het is niet echt een straf om twee bolletjes te nuttigen.

We lopen verder Hoogeveen in. We vinden het een gemiste kans in de routebeschrijving om het pad niet over de dijk langs kanaal te laten lopen. Nu lopen we min of meer parallel eraan op een pad langs een woonwijk, een schelpenpad, dat wel. Maar de grasdijk was naar ons idee aantrekkelijker en nog minder verhard geweest.

Onze overnachtingsplaats is Hotel Hoogeveen, het heeft een weinig aantrekkelijke buitenkant. Het heeft de uitstraling van een crematorium of motel langs de snelweg. Binnen zijn ze volop bezig met een renovatie. De kamers zijn prima, ruim en een goede douche en wc ruimte. Het à la carte restaurant is weinig sfeervol, het heeft meer weg van een veredelde bedrijfskantine. We nuttigen er ons welverdiende biertje maar vragen aan de balie toch of we omgeboekt kunnen worden naar Yume, het sushi restaurant. Dat kan gelukkig en dus nuttigen we ons diner in een betere ambiance.

Marseille dag 1, verlaat verjaardagscadeau

Lief wilde heel graag een keer naar Marseille, kijken of de strips van Asterix en Obelix kloppen. Alle gekheid op een stokje, het is de geschiedenis van de stad die hem fascineert. Oud, met Romeinse wortelen, multicultureel. Dus heb ik hem voor zijn 70ste verjaardag een lang weekend Marseille cadeau gedaan. Dat is inmiddels bijna anderhalf jaar geleden.

We staan vroeg op en fietsen in de stromende regen naar het station. Door en door nat, tot op onze sokken en ondergoed stappen we in de trein. Lief wordt aangesproken door de conductrice, ze hoort aan hem dat hij uit Brabant komt… op precies te zijn uit Tilburg, waar ook haar wieg heeft gestaan. Ze blijkt vlakbij ons oude huis te wonen. Grappig zo’n ontmoeting. We zijn keurig op tijd op Schiphol, helaas blijkt ons vliegtuig 2 uur vertraging te hebben. Waardeloos! We bezitten onze ziel in lijdzaamheid, krant en boek lezen. Een boek van Laura Starink, over de invloed van Rusland in Polen, de Baltische Staten en Oekraïne. Terwijl wij voor een weekend weg gaan, gaat de ellende en het oorlogsgeweld in Oekraïne door. We kunnen ons leven er niet voor stopzetten, toch voelt het wat dubbel.

Het is rond de 13 graden in Marseille meldt de piloot. Alsof daar de aandacht naar toe gaat lijkt hij vergeten te remmen. Ineens gaan alle flappen open en het vliegtuig ernstig in de remmen. Alsof de piloot ineens zag dat het eind van de startbaan in zicht kwam en daarmee de mediterranee. Met bus naar de stad. Dan is nog ca.10 minuten lopen naar het hotel/appartement. Het is een beetje zoeken, zelfs met Google Maps maar we vinden het. We hebben een appartement met een klein keukentje, lief en ik vinden beiden als we meer dan 2 nachten in een plek zijn een appartement prettiger dan een hotelkamer. Net wat meer ruimte, de mogelijkheid om zelf te koken en rustig te kunnen ontbijten. Dan moet je natuurlijk wel boodschappen doen voor het eten. We hebben niet goed gekeken wat voor cups er in het koffieapparaat moeten, we hebben de verkeerde gekocht blijkt als we terug zijn in het appartement. We kunnen ze gelukkig ruilen.

Op het plein onder ons appartement voert een man voert duiven die zich als grijze deken van vogellichamen aan zijn voeten bewegen. Hij wil niet op de foto. Het plaatje beperkt zich tot de paraplu die er als kunstwerk staat en de duiven die eronder brood en schuilplaats vinden.

We zitten vlakbij de bibliotheek van Alcázar. Met een lichte mate van beroepsdeformatie moet ik even binnen kijken. Er is een tassencontrole bij de deur. Frankrijk heeft de afgelopen jaren meerdere aanslagen te verwerken gekregen, waarschijnlijk de reden waarom hier gecontroleerd wordt. Het is een regionale bibliotheek. Behoorlijk groot met een enorme muziekcollectie. Hier is geen ruimte voor rendementsdenken. De bibliotheek is een mooie mix van aandacht voor cultuur en informeel leren, cultuur is veel belangrijker dan bij ons in het beleid van de bibliotheek. Op de jeugdafdeling zitten ouders met kinderen in de voorleeshoek gezellig bijeen, daar wordt gelukkig goed gebruik van gemaakt.

We gaan de oude stad verkennen. Le vieux port. Die is dichterbij dan gedacht. Veel kleine motorjachten, zeilboten en soms wat authentieke houten bootjes. Heel veel masten, waardoor je niet echt een goed zicht op de haven zelf hebt. We lopen zigzag door de oude wijk. 2x stoppen voor wijntje, want nog niet gewend aan Franse etenstijden. Le Panier. Stijgen en dalen, smalle steegjes, mediterraan. Rijk en arm. Daklozen en wijnhandel met proeverij op straat. Bij een kerk een klein ‘dorp’ van daklozen, de rijkeren onder hen hebben tentje, de armen alleen een slaapzak. Ook hier klassenverschillen, zelfs onder de armen.

We eten bij een klein restaurant midden in de wijk Le Panier, het heet dan ook Au coeur de Panier. Daar eten we één van de typisch Marseillaanse gerechten: aïoli. Een heerlijk gerecht met vis met veel groenten en aïoli, de bekende knoflookmayonaise. Verrukkelijk. Op de terugweg: Een rat kruist ons pad, scharrelt langs de huizen op zoek naar eten. De nacht en avond zijn het domein van scharrelaars in het duister, mens of dier. Als we door de smalle steegjes terug naar haven lopen en dan naar hotel staat daar bewaking voor de deur. Een waarborg dat er geen duistere scharrelaars zich het hotel in begeven?

Marseille, dag 4

10 april 2022

Gisteren hebben we tickets gekocht voor een boottocht langs de calanques. Dat zijn inhammen aan de kust, behorend bij een groot natuurgebied. Steile rotsen, beschutte baaien waar je in veel gevallen alleen te voet of via het water kunt komen. De mistral waait nog steeds, dus hoewel het zonnetje volop schijnt is het behoorlijk koud. Aan de haven lijkt het nog wel wat, het water ligt er als een spiegel bij. Maar zodra we de haven uitvaren is het koud. Met vier lagen kleding aan word je toch uiteindelijk diepvries. Het is het waard, de boot voert ons langs prachtige rotspartijen en verscholen baaitjes. Sommige hebben een klein strandje en daar liggen al mensen te zonnen. We zien op verschillende stukken langs onze vaartocht mensen wandelen over de rotsen. Soms lijkt het behoorlijk klauteren, maar in de buurt van Cassis, waar ons keerpunt is lijkt het een behoorlijk begaanbaar pad. Het is er druk, het is zondag dus ook veel Fransen zijn eropuit gaan.

Na onze boottocht begeven we ons naar het plein waar we vanavond Bouillabaisse willen gaan eten. We laten ons opwarmen door de zon. Al snel kunnen er 2 lagen kleren uit. Heerlijk! Lief neemt een salade burrata, ik neem een Marseillaanse specialiteit, moit-moit, een half om half pizza (die ze hier mezzo-mezzo noemen) met half tomatensaus en ansjovis en de andere helft tomatensaus met emmentaler. Het is de bedoeling dat je hem dubbel klapt zodat het lichtzure van de tomaten, het zoete van de kaas en het zoute van de ansjovis bij elkaar komen. Het is erg lekker, voor wie ooit in Marseille komt, een aanrader.

Na onze lunch lopen we naar de kop van de haven, naar de linkerkant, waar een kasteel staat gebouwd voor keizerin Eugenie, echtgenote van Napoleon. Ze heeft er nooit gewoond, ze heeft daarmee een mooi plekje gemist dat haar geliefde voor haar had uitgezocht. Met een groot grasveld er voor is het nu een plek die bij de universiteit ligt en op zondag veel jongeren, jonge gezinnen en ouderen aantrekt. Mensen spelen er potjes voetbal, liggen er te luieren in het gras of leren hun kinderen lopen. Het is een trekpleister in de stad die verder behoorlijk versteend is. Als we nadat we ons een uurtje hebben aangesloten bij de mensen die liggen te luieren op het gras weer verder lopen zie ik een vogel opvliegen die ik voor een hop verslijt. Beetje bruinige kop, lange spitste snavel, zwart-wit geblokte vleugels en een beetje een dansende vlucht. Geen foto helaas.

We zien onderweg een grappig plaatje. Bij een hotel is een zwembad aangebracht. Er liggen twee mensen op de ligbedden naast het zwembad te zonnen. In het water drie meeuwen die zich lijkt te badderen en af en toe een slok water pakken. Bijzondere badgasten 😉 Niet eerder zag ik meeuwen in een chloorzwembad.

We gaan nog even terug naar ons appartement. Even de benen omhoog om straks ons afscheidsetentje van Marseille te kunnen genieten. We hebben uit de gids een adres voor een restaurant waar bouillabaisse goed moet zijn. Op het betreffende adres lijkt een ander tentje te zitten, ze hebben nog steeds bouillabaisse op de kaart staan. We gokken het er op. Ik trakteer lief eerst op een glaasje champagne om te vieren dat hij al heel lang de 70 jaar gepasseerd is en dat cadeau lang over tijd nu eindelijk genoten is. Dan komt de bouillabaisse, we hebben de ‘royale’ gekozen met kreeft er in. Vol verwachting steken we de lepel in de ‘soep’…. Ik vertrek mijn gezicht enigszins. Dit is niet lekker. Lief kijkt dapper, zegt dat hij er zich een andere voorstelling van had gemaakt. Ik vis de meeste stukken vis er uit, dat ene stuk aardappel dat in de groenige drab drijft, de mosselen en pulk zo goed en zo kwaad als het kan de kreeft leeg. Geen kreeftenvorkje of kraker erbij dus het is wat behelpen met de handen en vork. Na nog wat voorzichtige happen van de ‘bouillon’, is het echt zo vies, ja het is echt zo vies! staak ik de strijd. J. is wat verder gekomen maar laat toch ook een kwart van zijn bord staan. We bestellen koffie, die is wel goed en ik beloof J. dat ik thuis goede bouillabaisse voor hem zal maken. Dit was een totale deceptie. Zelden zo slecht en liefdeloos klaargemaakt eten geserveerd gekregen! In ons appartement nemen we nog een kopje thee om de smaak weg te spoelen. Brrr!

Marseille, dag 2

Op de Quai de la Fraternité wordt dagelijks de vangst van de dag binnen gebracht. Kleine vissersbootjes leggen aan, knoestige vissers spreiden hun vangst uit op kleine tafeltjes. Soms is het een vissersvrouw, net zo verweerd als de man, die achter de kraam staat terwijl de man de netten controleert. Zij snijdt de kop van de vis als de klant dat wil en haalt de ingewanden er uit. Dat wordt met een weids gebaar van tafel geveegd, een bloederige massa verdwijnt richting de wachtende meeuwen. Het moet een hard bestaan zijn voor de vissers, de kleine bootjes kunnen de concurrentie met de grote vissersboten niet aan. Ik vraag me af hoe lang er nog vissers op de kade hun vis zullen verkopen, er staat maar één jonger paar tussen. De rest is duidelijker ouder. Hun kopers zijn Marseillanen van diverse pluimage. Jong, oud, keurige Françaises, Afrikaanse vrouwen met kleurige boubous, islamitische vrouwen met hoofddoek. Er om heen toeristen die genieten van het schouwspel en foto’s maken. Kleine vissersbootjes, geen vetpot.

Bij de haven is een kunstwerk van Norman Foster geplaatst. Van veraf lijkt het een afdak, dichterbij is de onderkant een spiegel waarin het verkeer, wandelaars en fietsers ondersteboven passeren. Als je langs de andere kant kijkt spiegelt het afdak de spiegeling van het water. Mooi!

De kades langs de haven zijn een plek waar daklozen zich mengen tussen de toeristen. Het is schrijnend om te zien, een vader met twee kleine kindjes onder een deken, de hand uitgestoken voor een aalmoes. Slapende mannen op een bankje, opgekruld in foetushouding. Bescherming zoekend bij zichzelf, de straat is de jungle. Verderop in de stad kleine koepeltentjes waarin andere daklozen hun hebben en houden bijeen hebben gebracht. Een moeder met kind, haar hand uitgestoken. De armoede is groot hier, uitzichtloos bestaan. Je hebt geen perspectief als vluchteling in Frankrijk, aan de onderkant van de samenlevingscontract is er geen vangnet.

We lopen langs de haven naar Mucem. Het is een oud fort gecombineerd met een moderne aanbouw. Mooie combinatie. Het oude gedeelte heeft dikke muren, terrassen rondom met kruiden en een bloementuin. Je hebt er uitzicht op de haven en de Middellandse zee. Het nieuwe gedeelte is van geprint(?) beton in een rasterwerk dat fraaie schaduwwerking geeft. Er staat een fris windje, maar het is goed te doen met een truitje aan. Het dakterras lokt voor een kopje koffie maar helaas is het restaurant op het dak dicht. De kiosk op de begane grond biedt soelaas.

We lopen door naar de Cathedral de la Major. Het ziet er van ver half Moors uit met zijn bogen en gestreepte blokken. Daardoor denk je dat het een oud gebouw is, uit de vroege middeleeuwen, maar het is veel jonger. Binnen is er sprake van veel grandeur met kleur en goud maar ook stukken die toe zijn aan onderhoud. Beetje vervallen in de zijkapellen door waterschade. Onder de kerk zijn hallen gehuisvest, waren hier vroeger de markthallen? Nu zijn er restaurantjes gehuisvest, strategisch langs de kade waar de grote cruiseschepen aanleggen. Wij genieten er een lunch.

‘S middags lopen we via de andere havenzijde naar de Notre dame de la garde. Eerst met het veerbootje over naar de andere kant van de haven. Langs de oude abdij van Saint Victor. De deur is dicht, maar blijkt niet op slot. Er is een dienst aan de gang, een beetje onduidelijk want de voorganger staat bij de deur te zingen met allemaal mensen om zich heen. Hij gebaart dat we binnen kunnen komen. Het is een middeleeuwse kerk in de abdij, echt oud dus in tegenstelling tot de kerken die we tot nu toe hebben gezien. Dan volgt een klimmetje naar boven naar de Notre Dame, ook een relatief jonge kerk. Het is er druk. Dat is niet zo raar, je hebt hier een prachtig uitzicht over de stad.

We lopen langs de andere kant van de heuvel naar beneden. Betere keuze om zo naar beneden te gaan, in plaats van naar boven. Het is een langere route en op onderdelen ook pittig stijgen. Voor ons naar beneden dus wat makkelijker te doen. We nemen een biertje halverwege de weg naar Place Castellane. Vlakbij ons hotel bij Course Belsunce opnieuw tentjes met daklozen, vrouwen met kleine kinderen, vrouwen met hoofddoeken. Armoede en hopeloosheid tussen de bedrijvigheid van de kleine ondernemers en winkeliers. Twee gescheiden werelden die hier dagelijks langs elkaar heen leven, wij zijn als toerist het derde schuivende paneel.

Rootsnatuurpad Hoog-Soeren naar Hoenderloo, etappe 19

27 maart 2022

Na ons ontbijt rijden we met één auto naar het startpunt, we eindigen vandaag in Hoenderloo. Geen logistieke heen en weer actie dus met 2 auto’s. Het is wat frisser dan gisteren, maar we zijn ook een uur vroeger op pad. Niet omdat we zulke vroege vogels zijn, vannacht is de zomertijd ingegaan. Het eerste stuk gaan we weer door het Kroondomein. Gisteren lagen er op behoorlijk wat plekken omgevallen of afgebroken bomen. Daar hadden de drie voorjaarsstormen blijkbaar flink huisgehouden. Vandaag komen we nagenoeg geen ‘vers’ omgevallen bomen tegen. Misschien jongere bomen of minder last van lage waterstand waardoor ze sterker bestand waren tegen het natuurgeweld? Opvallend is het in ieder geval wel dat we gisteren veel omgevallen bomen zagen, vandaag nagenoeg niet. Misschien opgeruimd? Mijn vader zou het laatste veel beter hebben gevonden 😉

We lopen de Hoog Buurlose heide op, deze is helaas behoorlijk vergrast. In de top van een vliegden zit een veldleeuwerik met zijn kuif opgestoken het hoogste lied te zingen. Voor mij is dat een geluid dat ik echt met de zomer associeer. Iets verderop daalt een leeuwerik met zijn vleugels uitgespreid als een parachuutje naar beneden. Prachtig gezicht. Bij een kruising van paden pauzeren we op een bankje voor onze lunch. Meegekregen, na betaling, van de Boer’nkinkel. Daar waar hun maaltijden meer dan prima zijn vinden we het lunchpakket met 2 doorsnee bruine bolletjes wat tegen vallen. Maar het is bodem en dan hadden we zelf maar slimmer over de proviand na moeten denken.

Na de heide volgt een stukje stuifzand. Hier hebben we eerder gelopen toen we het Maarten van Rossumpad liepen. Het roept vaag herinneringen op, bij de één wat sterker dan bij de ander. Dan steken we het Hoenderloose bos in. Veel beukenlanen die door het bos lopen, met het licht glooiende terrein geeft dat fraaie gezichtspunten. Het moet zodra de beuken in hun tere voorjaarblad staan een mooi gezicht zijn. Nu staan de bomen nog in hun oude bruine blad van vorig jaar de lanen te omzoomdn. Ook mooi, ‘t geeft alleen nog zo’n herfstgevoel. Dan is het nog een klein stuk en we zijn in Hoenderloo. We denken op het terras van de Boer’nkinkel neer te strijken, maar die blijken gesloten. Bij de buren Brasserie Delicat zijn ze wel open en daar vinden we een plekje op het terras. Tijd voor een biertje en een borrelhapje. Het meisje van de bediening laat bij het uitserveren een bakje met mosterdsaus over G. vallen, over zijn broek en rugzak. Vol verontschuldiging komt even later de eigenaar ons melden dat hij het goed gaat maken, we krijgen een extra portie bitterballen. Extra ‘afgevuld’ sluiten we zo het weekend af. Het was weer mooi en gezellig.

Onder een strakblauwe lucht of langs nieuwe wegen naar een oude bekende pleisterplaats

26 maart 2022, Roots Natuurpad

Als de weersvoorspellingen ons niet bedriegen gaan we een ongekend warm maarts weekend tegemoet. We starten rond half elf in Gortel en lopen gelijk de kroondomeinen in. Het is al heel zonnig, nog net even te koud om de trui uit te doen, maar de jas hoeft niet meer aan. Het is echt heerlijk wandelweer. We lopen nu al een tijdje dit Roots Natuurpad en het valt ons op dat we tot nu toe nooit andere wandelaars hebben getroffen die dit pad lopen. Na een klein uurtje lopen stoppen we voor een bakje koffie. Zelf meegebracht want dat is één heel klein minpuntje van deze route. De natuur is prachtig, er is weinig asfalt op de route, je loopt, voor zover dat kan in Nederland, ver van de bewoonde wereld maar daardoor is er niet veel horeca onderweg. Koffie dus uit de thermoskan. Ook prima. Met eigen gebakken mueslirepen. We zitten daar lekker van te genieten als een stel ons voorbij loopt en warempel… ze hebben het gidsje van het Roots Natuurpad onder de arm. We horen van hen dat ze de GPS bij de hand hebben als backup omdat de tekst soms niet klopt. Die ervaring hebben wij tot nu toe maar één keer gehad, maar wij hebben dan ook een nieuwere druk van het boekje komen we achter. We zullen hen vandaag nog een paar keer treffen waarbij we elke keer grappen dat we vast nog op de route zitten.

Het is erg rustig valt ons op. Alleen in de buurt van een parkeerplaats treffen we soms wat wandelaars of hondenuitlaters en langs de doorgaande wegen als we die moeten oversteken soms wat fietsers of wielrenners. Maar over het algemeen lopen we met z’n vieren alleen door het landschap. Vandaag hebben we ineens van links op een kruising een groep van zo’n 50 jonge vrouwen die een stuk dezelfde kant als wij op gaan. Lief informeert nieuwsgierig wat hen bindt en wat ze aan het doen zijn. Dat ze aan de wandel zijn is volstrekt helder, iedere vrouw heeft een rugzak op en de meesten lopen op wandel- of bergschoenen. Het blijkt een groep jonge christelijke vrouwen te zijn die elkaar via een oproep voor deze wandeling treffen en elkaar daarvoor niet kennen. De vraag of er ook zo’n wandelclub voor christelijke mannen is wordt bevestigend beantwoord. Aan matchmaking is nog niet gedacht, de beide clubs treffen elkaar niet aan het eind van een dag op een gezamenlijke overnachtingslocatie en ook de wandeldagen worden niet afgestemd. Volgens mij laten de christelijke wandelclubs hier een kans liggen 😉

Het voorjaar dient zich aan, hoewel in deze gemengde bossen met veel beuken en naaldbomen alleen de bomen in de ondergroei voorzichtig hun knoppen openen en de grote bomen nog in het oude blad zitten of hun kale takken naar de hemel heffen. De vogels laten zich af en toe flink horen, alsof je in een volière loopt. Het doordringende ‘tiettuut tiettuut’ fietspomp geluid van de koolmees vergezelt ons met tussenpozen op de wandeling. Midden op een wat opener stuk bij de kruising van paden besluiten we de lunch te genieten. Lief ziet niet dat verderop het pad waar wij langs een plekje zoeken twee hindes in de schaduw staan. Met wat hard gefluister van onze kant trekt hij zich schielijk terug en kunnen we van een afstand de twee schoonheden bewonderen. Deze edelherten lijken niet erg schuw, terwijl er op de kroondomeinen naar wij altijd vernemen wel gejaagd wordt. Misschien zijn deze herten wel net zo slim als de koedoes in Zuid-Afrika die in het jachtseizoen over het hek naar het nationaal park sprongen en wisten dat daar niet gejaagd werd. Misschien hebben deze herten wel een klok en weten ze dat het jachtseizoen voorbij is. Het is in ieder geval best opvallend dat ze vrij rustig blijven staan, ons beschouwen en zich dan rustig afwenden en al knabbelend vervolgens in de bosrand verdwijnen. Een cadeautje.

Bij de poel Ruitersgat besluiten we een kopje thee te drinken. We horen in de verte een roffel van een specht maar die laat zich niet zien. Dit is het gebied van de zwarte specht, die zouden wij wel heel graag (nog) een keer zien. J. ziet een wat kleiner vogeltje in een boom bij het water zitten. Verrekijker erbij, beetje roodbruine kop, opvallende snavel. Dit kan maar één vogel zijn: een kruisbek. Daar zijn we wel verguld mee, die komen niet zoveel voor en geen van ons zag er ooit eerder één.

Dan lopen we nog het laatste stuk tussen dennenbomen, ontluikende lariksen en sequoiaconiferen door naar de parkeerplaats waar één van onze auto’s staat. Dan terug naar Gortel waar inmiddels op de parkeerplaats dé ijsman van Gortel en omgeving met zijn kar is komen te staan. De verleiding is te groot, dit blijkbaar befaamde ijs van Rozeboom moet geproefd worden. J., lief en ik nemen alledrie een ijsje, G. slaat over. ’t Is heerlijk, dat moet gezegd. Dan met de auto naar Hoenderloo alwaar we een oud bekend adres als pleisterplaats hebben uitgekozen. Hotel-Restaurant De Boer’nkinkel. Waar je uitstekend kunt eten en slapen. En ook nu worden de verwachtingen niet beschaamd. We hebben riante kamers en een heerlijk culinair arrangement waar we ’s avonds van genieten.

Voor de regen uit? Heerde – Gortel 29 december 2021

De weersverwachting van vandaag is dat het tot begin van de middag droog zal blijven. We willen dus vroeg op pad om zoveel mogelijk kilometers afgelegd te hebben voordat de regen opnieuw losbarst. Het leuke van het Rootsnatuurpad is dat je vaak onverwachte paden bewandelt. Onze vrienden G. en J. hebben best vaak in de buurt van Zwolle gelopen en op dit stuk van de Veluwe. Maar ook zij zijn prettig verrast als we net als we Heerde uit lopen, via een doodlopende weg behalve voor fietsers een klein paadje langs een beek in moeten. We denken dat we het fietspad moeten volgen, maar nee via een smal metalen toegangshek worden we over een heel lieflijk en verscholen pad gevoerd dat over privé terrein loopt. Heel sympathiek dat wandelaars er over mogen. Deden maar meer landeigenaren dit en nu ook maar te hopen dat de wandelaars niet als dank voor het verpozen hun schillen en dozen achterlaten… indachtig een oude slogan in natuurgebieden.

Via het Landgoed Boshoven, waar dit paadje loopt komen we bij het Heerder strand. Het water ligt er verstild bij, een vaag vermoeden van mist, midden op het water wat duttende smienten. Met de bruintinten van de beuken die nog niet al het blad kwijt zijn en het donkergroen van de dennen is het een sfeervol plaatje. Verderop wachten de bossen. Het is een mix van beukenlanen, her en der wat berken, eiken en hoge dichte dennenbossen. Het geheel afgewisseld met heide.

We komen twee wandelaars tegen met verrekijkers om de nek. Of ze al iets bijzonders gezien hebben? Ze zijn nog maar net vijf minuten onderweg vertellen ze, maar ze hopen dat ze een klapekster kunnen verschalken als ze op de heide zijn. Die hebben ze in het vroege voorjaar gezien voordat het vogeltje vertrok naar zijn broedgebied. Dat biedt perspectief, die zouden wij ook wel willen zien. Het eerste heidegebied, De Rendersklippen, mag zich duidelijk verheugen in de nodige bezoekers. De parkeerplaats staat behoorlijk vol, het koffietentje aan het begin van de heide is helaas dicht. Dan maar eigen koffie. Hopelijk is de Ossenstal verderop de route wel open voor een warme versnapering to go.

Terwijl we de heide oversteken kijken we gespannen naar boompjes en struiken…zien we de klapekster nog? Helaas laat hij zich niet zien…. wel wiekt er laag over de heide met zijn typisch trage vleugelslag een buizerd die verderop in een boom neerstrijkt om vervolgens daar op nietsvermoedende muizen te loeren. Na drie kwartier wandelen na onze koffiestop komen we bij de Ossenstal. Alles op de menukaart is ‘to go’, hele gezinnen maken er gebruik van. Wij dus ook, deze kans laten we niet voorbij gaan. Glühwein en snert, best een goede combinatie in de buitenlucht.

Lief heeft last van zijn voet, het plastic hulpstuk dat in zijn schoen de voetafwikkeling moet ondersteunen bezorgt hem enorm veel pijn. Dus doet hij zijn ‘prothese’ af. Hopelijk gaat het dan beter want we moeten nog zo’n kilometer of 6. De lucht begint te betrekken. Via Majuba lopen we naar Landgoed Tongeren. We staan het fraaie landhuis en de bijbehorende boerderij te bewonderen als we worden aangesproken door een dame die qua manier van spreken duidelijk niet van de straat is. Ze vraagt ons of we nog ver moeten want ze kan ons van harte het familiekerkhof aan raden. Een kleine, intieme plek van rust die net iets verderop ligt. Helaas ligt het wel een stukje van de route af en we besluiten toch door te lopen. We hebben het besluit nog niet genomen of de eerste lichte druppels vallen. Als we de laan waar aan het begin (of eind afhankelijk van hoe je aankomt lopen) een boerderij genaamd Boschhuis ons een echt Hans en Grietje gevoel geeft, doorgelopen zijn begint het echt te regenen. Er helpt geen lieve moedertje aan… de regenbroeken gaan aan.

Hoewel de omgeving fraai is valt het tegen om de schoonheid om je heen te zien. De Tongerense heide is groots en weids maar het gaat wat aan ons verloren. Onder onze capuchons stoempen we door om de auto te bereiken. De ‘beloofde’ zwijnen en herten laten zich niet zien, die liggen waarschijnlijk in een beschutte plek zich af te vragen wat die vier gekken in regenpakken nou toch aan het doen zijn 😉 Het laatste stuk naar Gortel is bijna vijf kilometer min of meer rechtdoor dus we zijn blij als we het fietspad zien dat naar de weg leidt. Dan nog een klein stukje naar de parkeerplaats, de thee die we de hele dag hebben meegedragen drinken we lekker op in de auto… dat hebben we wel verdiend.

Elshof-Wijhe-Heerde rootsnatuurpad, 28 december 2021

Het is een grauwe dag en de dag heeft qua weer niet veel goeds voor ons in petto. Het miezert als we vertrekken. Het zou naast het weer ook wel een dag met redelijk wat asfalt kunnen worden, zo ziet het er op de kaart in ieder geval wel uit. We starten bij het buurthuis Elshof, we worden langs een wetering of sloot geleid naar een bosje. Stuk door een weiland en over een smal bruggetje komen we ineens in een bosje. Daar steken we door richting Wijhe via wandelpaden, die op de kaart er dus uitzagen als asfalt er uit zagen maar onverharde wegen blijken. We lopen over het landgoed De Gelder Wijhe in, het is een verrassend stuk dwars door de landerijen. We hopen op een stationsrestauratie in Wijhe, helaas is er alleen een wachthok. We strijken daar maar neer voor een bak koffie of thee uit eigen thermoskan. Het is de ultieme treurigheid, er liggen aan de ene kant van het wachthok sigarettenpeuken waarvan de geur nog rondhangt in de ruimte en aan de andere kant een onduidelijke substantie die op kots lijkt. Gelukkig is het gezelschap goed. Na de koffie kunnen we versterkt verder en het is warempel droog geworden.

Bij de Roots route loop je meestal buitenom een dorp of stad, nu voert het pad ons door het centrum. Er is markt en er staat een loempiakraam. Ook al hebben we nog maar net onze koffie op, iets warms en hartig gaat er wel in. Lief trakteert zegt hij, G. zegt dat hij betaalt. Zo wil ik ook wel trakteren. Het is 10 loempia’s voor € 10,- en dan krijg je er één extra. Dan toch maar een andere rekensom: 12 loempia’s voor € 11,- waarvan één gratis… voelt voor lief blijkbaar als een voordeliger deal. Nou ja, hoe dan ook genieten we van ieder drie loempia’s en de pittige loempiasaus brandt in onze buiken prettig door.

We koersen richting de IJssel waar we met de pont over moeten steken. Via het oude dorpje Vorchten met een fraai oud kerkje lopen we richting Hoorn en dan Heerde. Tussen Vorchten en Hoorn ligt een overloop gebied. Hier is een stuk landschap leeg geruimd, geen boerderijen meer, de elektriciteitsmasten op hoge plateaus boven de grond en stevig omdijkt. Hier is ruimte gemaakt voor de rivieren, mocht de IJssel heel erg hoog komen te staan kunnen ze hier water inlaten door een schuif ergens open te zetten en dit gebied onder water te laten lopen om zo d druk op de dijken te verlagen. Het is een saai stuk en inmiddels is het weer gaan regenen. Geen bomen, geen schuilplek, eentonigheid troef, het is troosteloos in dit grauwe weer. Over de dijk is notabene nog een picnicbankje waar we toch nog even gaan zitten om in de regen een broodje te nuttige. Dat wordt bijna broodpap, het regent hard en het brood wordt vanzelf zompig. J. baalt als stekker… ze vindt er niks heroïsch aan.. het is prut. Ik kan haar wel gelijk geven, het is koud en guur, laten we maar snel doorlopen. Het gaat nog harder regenen. Het is echt stoempen.

Dan zijn we toch het overloop gebied uit en komen bij het Apeldoorns kanaal in Hoorn. Hier meer bomen en oude en nieuwe boerderijen. De naam van dit dorp is natuurlijk een bekende naam, ik had alleen geen idee dat er twee plekken in Nederland zijn die de naam Hoorn dragen. Hier mogen we weer van het asfalt af, we lopen over een jaagpad langs het kanaal. Het is weer wat droger geworden als we Landgoed Vosbergen naderen. Een mooi landhuis met een grote vijver ervoor die ook als ijsbaan kan dienen. Ik kan me voorstellen dat het een mooie plek is om je rondjes te draaien als het gevroren heeft. Op het eind van onze tocht dreigt zelfs de zon door te breken. Terwijl we over het landgoed lopen, met naast het landgoed zelf ook kapitale boerderijen en landhuizen, begint het zonnetje voorzichtig tussen de wolken door te piepen. Het laatste stukje naar de auto voert langs de Middelste Heerderbeek en langs een watermolen. Als we dan de auto in zicht hebben breekt er weer een klein buitje los, we zijn er voor vandaag echt klaar mee.. we zijn verkleumd en nat en toe aan een warme douche en een biertje

Overijssels kanaal, Heino, Elshof Roots natuurpad 27 december 2021

Het is een kleine wereld bij ons vertrek uit Alkmaar, er ligt een dikke mistdeken over de velden. Hoe verder we naar t oosten rijden hoe lichter het wordt. Nu daagt het in het oosten… 😉 We moeten nog 5km van de vorige etappe lopen dus we starten bij het Overijssels kanaal tussen Dalfsen en Heino in. Het heeft de afgelopen dagen gevroren, vandaag zal de dooi zijn intrede doen. Er ligt ijs op de sloten, met van die mooie kringen er in en op de weilanden waar schaduw de vorst nog wat langer vast houdt zijn de grassprieten wit bedekt met een klein laagje rijp. Lang zal deze ijzige pracht niet duren, de temperatuur ligt inmiddels al een paar graden boven nul.

Vandaag lopen we stukken door bos, wat tussen weillanden door of over landgoederen. Voordat we Heino bereiken schampen we langs landgoed De Gunne. Geen groot landhuis, het heeft meer de uitstraling van een vergrote boerenhoeve waar ze dan ook nog stukken tegenaan hebben gezet. Wel een fraaie vijver ervoor.

In verband met de lockdown is er geen horeca waar je binnen mag zitten, we schatten onze kansen op een koffie to go op de maandag na kerst ook niet al te hoog in. We lopen Heino binnen, het valt ons op dat de mensen hier vriendelijk gedag zeggen wanneer we ze passeren. We meanderen door de buitenwijken van Heino. Een man die zijn hond uitlaat maakt een praatje met ons, hij ziet het boekje en vraagt welk lange-afstandspad we lopen. Van het Rootspad heeft hij nog nooit gehoord, als we hem vertellen dat het zeer de moeite waard is belooft hij het eens op te gaan zoeken. Ons vermoeden over de koffie to go blijkt juist te zijn, zonder een koffietentje tegen te zijn gekomen verlaten we Heino en lopen richting landgoed Nijenhuis. Dit is bekend van de Fundatie, de tweede locatie van het museum in Zwolle. Ook dit is gesloten in verband met corona. Jammer. We kunnen wel een blik werpen op een aantal beelden in de tuin en van ver op het kasteeltje dat Nijenhuis is. Als we het terrein weer af willen moeten we ons door een heel smal toegangshek in de vorm van een tourniquet wurmen. Allemaal de rugzak af en die eerst langs het hek en dan zelf buik in en voorzichtig door het hek draaien. Lief kiest de omweg en slingert zich om het hek over de sloot heen… Altijd acht gebleven 😉

Onderweg verliest hij maar liefst 2x zijn handschoenen. De eerste keer voordat we de toegangsweg naar Nijenhuis inslaan, hij moet een behoorlijk stuk terug lopen om ze op te halen. De 2de keer nadat we koffie en thee uit eigen thermoskan hebben genuttig op een bankje bij landgoed Windesheim, bij de boerederij De Velner. We lopen over een lang smal pad tussen de velden door, aan beide kanten omzoomd met bomen. Lief is zijn handschoenen dus alweer kwijt en loopt terug. G. loopt heel sociaal met hem mee terug. Over het pad komt een dame te paard met 2 honden. Een Golden retriever en hazenwindhond. De retriever loopt vooruit en is duidelijk een allemansvriend. Al kwispelend bedelt hij om een knuffel. Als de amazone even later volgt meldt ze dat ook het paard een knuffel wil. En inderdaad steekt het dier zijn hoofd in onze richting en wil graag even geaaid en gekroeld worden. De hazenwind slaat over, die is wat schuwer. Ze rijdt naar het eind van het pad en keert dan even later terug. Inmiddels hebben G. en lief zich weer bij ons gevoegd. Ook op de terugweg wil de retriever een knuffel, het paard wederom en zelfs de hazenwindhond steekt zijn kop voorzichtig naar voren om zich te laten aaien. Daar voldoen we alle vier braaf aan.

We naderen het eindpunt van vandaag, het dorpje Elshof. We steken hier een boerenterrein over, privé staat er. Als we vlakbij het erf zijn staat er een auto met twee mannen erin. Lopen jullie maar voor ons uit zegt de één, wij rijden rustig achter jullie aan. Wij gaan nog wat jagen vandaag. Het is inmiddels al behoorlijk aan het schemeren dus wij zijn benieuwd waarop ze gaan jagen…. hazen? Veel wild hebben we niet gezien vandaag.