27 juli 2021
We beginnen de dag door onze buurman in Alkmaar telefonisch een fijne verjaardag toe te wensen door ‘Lang zal hij leven’ voor hem te zingen. Dat wordt zeer gewaardeerd, buurman S. is 84 geworden. Hij is de spil van de buurt, weet alles en zorgt ook voor veel dingen. We zijn, hoewel we nog maar net in deze straat wonen, al behoorlijk ingeburgerd mede door hem en zijn vrouw. Vandaar het telefoontje en het zingen, want S. is wel in voor wat gekkigheid.
De wateroverlast van gisteravond is aardig weggezakt, de plassen voor onze camper lijken grotendeels weg. Gelukkig maar want het was echt een waterballet. Nu maar hopen dat het niet opnieuw gaat hozen want dan hebben we zo weer een Rode Zee voor ons, waarvoor wij geen staf hebben om die voor ons te splijten.
We gaan op de fiets naar Ieper. Zo’n kleine 20 kilometer fietsen, ongeveer een uur. Door het Vlaamse landschap, over Vlaamse wegen. Dat betekent vals plat en helaas langs de hoofdwegen met langsrazend verkeer. We doen het er maar mee, we hebben nu half wind tegen dus straks moet het als we terug gaan iets lichter zijn. Je wordt hier als fietser toch wel een beetje aan je lot overgelaten. Nergens richtingwijzers voor fietsers, wel fietsroutepunten maar nergens een knooppunten kaart gezien, terwijl de Belgen dit systeem geloof ik uit hebben gevonden. Dan moet Google uitkomst bieden, dat gaat deze keer gelukkig wel goed in tegenstelling tot ons avontuur in Duitsland vorig jaar. Maar misschien zijn hier minder bospaden;-).
In Ieper willen we eerst het ”In Flanders Fields ‘ museum bezoeken. Ja weer een museum over WO I. Dit museum heeft een erg goede reputatie, het belicht de geschiedenis van meerdere kanten en je krijgt een personage toegewezen dat de oorlog heeft meegemaakt. Plus nog iemand anders, meestal van de andere kant zodat je dus persoonlijke verhalen krijgt aan beide kanten van de strijd.
Het is een indrukwekkend museum, naast de grote lijnen ook de verhalen over de verschillende slagen om Ieper en de IJzer. Van de musea die ik tot nu toe heb bezocht spreekt deze me het meest aan. Geen verheerlijking van het soldatenbestaan, de glorierijke doden. Hier wordt aan de hand van persoonlijke verhalen de gruwelijke geschiedenis ingekleurd.

Hoe interessant ook, na zoveel oorlogsverhalen en -sites hebben we het na anderhalf, twee uur wel gehad en willen we naar buiten. Tijd voor een late lunch op het terras van de grote markt. Allebei een biertje, allebei een salade met garnalenkroketten. Terwijl we zitten te eten betrekt de lucht en ineens begint het te hozen. En niet een beetje, met bakken komt het uit de lucht en zeker tien/twintig minuten lang. We zitten onder een parasol redelijk droog maar als op een gegeven moment de wind erbij komt moet lief verkassen om niet nat te worden. We rekken de lunch met nog een kopje koffie in de hoop dat de bui iets overtrekt. Na betalen moeten we er toch aan geloven. Het regent wel minder hard, maar niet zodanig dat we nog zin hebben om de stad veder te verkennen. Op weg naar de camping komen we langs een wegopbreking in de binnenstad waar we op de heenweg het riool in keken. Nu kolkt het regenwater in grote stromen door de pijpen. Hele rivieren worden afgevoerd. We zien hoeveel regenwater er in een versteende stad bij een hoosbui afgevoerd moet worden. Behoorlijk indrukwekkend.
De terugtocht blijkt de wind gedeeltelijk gedraaid, het zal niet… en al dat vals plat is omgedraaid… Het valt ons niet mee al dat zuigende asfalt. We stoempen en ploeteren door het Vlaamse land. Op de camping aangekomen blijkt dat ook hier de regen in bakken naar beneden is gekomen. De campingbaas heeft nieuwe gasten met campers op de oprit gezet, hij durft ze niet op de graspercelen te zetten. Ons ‘terras ‘ is weer een modderpoel geworden. Appingedam revisited. We zetten onze tafel en stoelen op het pad, daar is het droog en kunnen we de laatste zonnestralen meepakken. Een Vlaamse overbuurman vraagt spitsvondig of we een wegrestaurant zijn begonnen…








