Nooit meer oorlog

30 juli 2021

Vandaag doen we nog één dag oorlog, herinneringsplekken WO I bezoeken. We beginnen in Nieuwpoort bij het sluizencomplex bij de IJzer. Er staat een wanstaltig beeld van Albert I op het bezoekerscentrum. Een ware representant van naoorlogs nationalisme. Brrrr. Het regent als we er aankomen, we hebben geen zin om Nieuwpoort in de regen in te gaan en het bezoekerscentrum trekt ons ook niet erg. Door dus.

Naar Koekelare waar we eerst lunchen bij een restaurant die een voor mij noviteit voert in haar naam: bistrant Spanje. De vissoep die wij beiden willen nuttigen is helaas uitverkocht. Lief neemt lasagne en is daar best tevreden over, mjin geitenkaas salade heeft ernstig te lijden onder de currysaus die ze er als dressing overheen hebben gedaan. Zo vies! Volgende keer vraag ik wat voor dressing eroverheen zit…. ik had dit niet verwacht bij een restaurant, sorry bistrant dat verder best goede dingen op de kaart had staan.

Daarna in Koekelare naar een klein museum gewijd aan Käthe Kollwitz. Een sociaal bewogen Duitse kunstenares die haar oudste zoon Peter verloor in WO I op achttienjarige leeftijd en nog geen tien dagen aan het front… zijn regiment had zelfs nog geen strijd geleverd toen hij door een verdwaalde granaat werd geraakt en ter plekke overleed. Het leed dat zij als moeder voelde zette zij uiteindelijk na vele jaren om in het tekenen van een bedroefd ouderpaar dat door twee beeldhouwers is uitgevoerd en op de begraafplaats van Duitse gevallen soldaten staat in Vladslo. Het museum heeft geen beeldhouwwerken van haar, wel een flink aantal etsen en litho’s waarin zij een aanklacht laat zien tegen de levensomstandigheden van de arbeidersklasse. Zoals lief zei tegen de man achter de balie ‘Het is liefdevol gedaan’, het verhaal van Käthe en haar zoon. NB ik vind het beeld van de Piëta in de Neue Wache in Berlijn van haar hand ook zeer indrukwekkend.

Na het museum rijden we naar Vladslo naar de Duitse begraafplaats. Hier zijn na WO II verschillende begraafplaatsen uit WO I samengevoegd tot één, in totaal zijn er nu vier grote Duitse begraafplaatsen in Vlaanderen. Heel indrukwekkend van aard, nagenoeg geen kruizen, alleen platte vierkante stenen met daarop steeds zo’n tien namen van gevallen Duitse soldaten. Heel sober… en aan het eind van het kerkhof de twee beelden van Kollwitz. Er staan een paar grafstenen aan de zijkant met daarop de tekst dat degene die genoemd wordt een heldendood is gestorven voor het vaderland. Tja… daar krijg ik een ongemakkelijk gevoel bij… wat had je te zoeken in Vlaanderen? Niet jouw vaderland… toch geeft het feit dat de Duitse graven zoveel soberder zijn en dan ook nog met tien namen op een steen mij een ongemakkelijk gevoel. De geschiedenis wordt ingekleurd door de overwinnaars. Maar waren niet veel van deze soldaten net zo goed kanonnenvoer als de Tommies, Aussies, Frenchies, Belgen en al die andere nationaliteiten?

Na het kerkhof rijden we naar Diksmuide. Hier staat de IJzertoren, een wanstaltig monument voor de slag bij de IJzer. Net als bij het monument bij Douamont staat híer PAX op, het straalt op geen enkele manier iets vredelievends of verzoenends uit. We slaan ook hier het museum over en wandelen in plaats daarvan het centrum van Diksmuide in. Dit is volledig kapotgeschoten geweest en op basis van oude foto’s weer helemaal herbouwd. Knap gedaan want het heeft ook weer sfeer gekregen.

Na Diksmuide rijden we naar Ieper. Daar willen we in acht uur de dagelijkse ‘Last post ‘ meemaken. Eerst eten, bij ‘Captain Cook’ hebben ze een bord buiten staan waarop Zeeuwse mosselen staan. Daar hebben we allebei wel zin in. Ze zijn heerlijk en net voor achten kunnen we aansluiten bij de menigte die zich al bij de Menenpoort heeft verzameld. Ook al weer zo’n wanstaltig vertoon van nationalisme, dit keer door de Britten. De ceremonie zelf kunnen we niet zien, we staan er te ver af. Ik vind het vervreemdend om dit muziekstuk, dat ik altijd zeer emotionerend vind, nu hoor in groot still gezelschap terwijl aan het eind van de straat op de grote markt het gejoel en gegil van de kermis die er nu plaats vindt door heen klinkt. Een kleine oorlog tussen twee evenementen van totaal verschillende aard.

We rijden daarna naar de camping terug waar we al wat spullen opruimen. Het is koud en winderig en morgen rijden we richting Nederland. Deze vakantie stond in het teken van het bezoeken van plekken die van belang waren in WO I. We hebben er veel gezien, we hebben ook gelezen over WO I. Wat bijblijft is dé volstrekte zinloosheid van de vele doden die vielen, de gruwelijkheid, misère en verdriet. Het vereren van de doden die vielen voor het vaderland, het verheerlijken van dat ‘heldendom’. We hebben niet veel bij geleerd… nooit meer oorlog.. het zou mooi zijn.

Ieper

27 juli 2021

We beginnen de dag door onze buurman in Alkmaar telefonisch een fijne verjaardag toe te wensen door ‘Lang zal hij leven’ voor hem te zingen. Dat wordt zeer gewaardeerd, buurman S. is 84 geworden. Hij is de spil van de buurt, weet alles en zorgt ook voor veel dingen. We zijn, hoewel we nog maar net in deze straat wonen, al behoorlijk ingeburgerd mede door hem en zijn vrouw. Vandaar het telefoontje en het zingen, want S. is wel in voor wat gekkigheid.

De wateroverlast van gisteravond is aardig weggezakt, de plassen voor onze camper lijken grotendeels weg. Gelukkig maar want het was echt een waterballet. Nu maar hopen dat het niet opnieuw gaat hozen want dan hebben we zo weer een Rode Zee voor ons, waarvoor wij geen staf hebben om die voor ons te splijten.

We gaan op de fiets naar Ieper. Zo’n kleine 20 kilometer fietsen, ongeveer een uur. Door het Vlaamse landschap, over Vlaamse wegen. Dat betekent vals plat en helaas langs de hoofdwegen met langsrazend verkeer. We doen het er maar mee, we hebben nu half wind tegen dus straks moet het als we terug gaan iets lichter zijn. Je wordt hier als fietser toch wel een beetje aan je lot overgelaten. Nergens richtingwijzers voor fietsers, wel fietsroutepunten maar nergens een knooppunten kaart gezien, terwijl de Belgen dit systeem geloof ik uit hebben gevonden. Dan moet Google uitkomst bieden, dat gaat deze keer gelukkig wel goed in tegenstelling tot ons avontuur in Duitsland vorig jaar. Maar misschien zijn hier minder bospaden;-).

In Ieper willen we eerst het ”In Flanders Fields ‘ museum bezoeken. Ja weer een museum over WO I. Dit museum heeft een erg goede reputatie, het belicht de geschiedenis van meerdere kanten en je krijgt een personage toegewezen dat de oorlog heeft meegemaakt. Plus nog iemand anders, meestal van de andere kant zodat je dus persoonlijke verhalen krijgt aan beide kanten van de strijd.

Het is een indrukwekkend museum, naast de grote lijnen ook de verhalen over de verschillende slagen om Ieper en de IJzer. Van de musea die ik tot nu toe heb bezocht spreekt deze me het meest aan. Geen verheerlijking van het soldatenbestaan, de glorierijke doden. Hier wordt aan de hand van persoonlijke verhalen de gruwelijke geschiedenis ingekleurd.

Hoe interessant ook, na zoveel oorlogsverhalen en -sites hebben we het na anderhalf, twee uur wel gehad en willen we naar buiten. Tijd voor een late lunch op het terras van de grote markt. Allebei een biertje, allebei een salade met garnalenkroketten. Terwijl we zitten te eten betrekt de lucht en ineens begint het te hozen. En niet een beetje, met bakken komt het uit de lucht en zeker tien/twintig minuten lang. We zitten onder een parasol redelijk droog maar als op een gegeven moment de wind erbij komt moet lief verkassen om niet nat te worden. We rekken de lunch met nog een kopje koffie in de hoop dat de bui iets overtrekt. Na betalen moeten we er toch aan geloven. Het regent wel minder hard, maar niet zodanig dat we nog zin hebben om de stad veder te verkennen. Op weg naar de camping komen we langs een wegopbreking in de binnenstad waar we op de heenweg het riool in keken. Nu kolkt het regenwater in grote stromen door de pijpen. Hele rivieren worden afgevoerd. We zien hoeveel regenwater er in een versteende stad bij een hoosbui afgevoerd moet worden. Behoorlijk indrukwekkend.

De terugtocht blijkt de wind gedeeltelijk gedraaid, het zal niet… en al dat vals plat is omgedraaid… Het valt ons niet mee al dat zuigende asfalt. We stoempen en ploeteren door het Vlaamse land. Op de camping aangekomen blijkt dat ook hier de regen in bakken naar beneden is gekomen. De campingbaas heeft nieuwe gasten met campers op de oprit gezet, hij durft ze niet op de graspercelen te zetten. Ons ‘terras ‘ is weer een modderpoel geworden. Appingedam revisited. We zetten onze tafel en stoelen op het pad, daar is het droog en kunnen we de laatste zonnestralen meepakken. Een Vlaamse overbuurman vraagt spitsvondig of we een wegrestaurant zijn begonnen…