Eerder tijdens het Westerborkpad hebben we een weekend gehad met allemaal kleine geluksmomenten. Dit weekend is helaas niet zo, meer een opeenstapeling van klein leed. We zijn net even te laat van huis gegaan. Omdat we de fietsen deze keer meenemen om vanavond naar het restaurant te kunnen fietsen neemt onze voorbereiding meer tijd in beslag dan we hadden bedacht. We zijn ter hoogte van Verlaat als lief meldt dat hij zijn schoenen vergeten is. Aangezien het schoeisel aan zijn voeten nog maar net die naam mag dragen, heel oude afgetrapte gympjes waarvan de zool bijna door is zit er niets anders op om schoenen te gaan kopen in Beilen. Klein leed wat gelukkig verholpen kan worden voordat lief grote blaren en zere voeten krijgt 😉 M. en B. hebben zich ook verrekend in hun reistijd, zij zijn een kwartier eerder op de eindbestemming voor vandaag. Lief overlegt: het is een goed idee om in Beilen af te spreken zodat hij nieuwe schoenen kan kopen en we daarna een bak koffie met appelgebak kunnen nemen. De aankoop lukt, lief wordt uitstekend geholpen door de verkoper die zelf ook graag wandelt en ons nog tips geeft als we morgen bij kamp Westerbork aankomen. Wij kunnen hem nog het advies aan de hand doen om het Roots natuurpad te gaan lopen, dat kent hij niet.
Na de koffie met appelgebak moeten we toch echt richting Eursing. Ik had het adres al in de TomTom gezet en M. en B. rijden er ook naar toe. Omdat het huisnummer dat ik heb opgezocht niet op de TOMTOM naar voren komt vraag ik lief om het voor de zekerheid toch nog even op Google maps op te zoeken. Heel raar, TomTom leidt ons weer naar het zuiden, terwijl we naar mijn idee echt naar het noorden moeten. Ik ga de snelweg af, dit klopt echt niet. Blijkt er een weg Eursinge in de buurt van Hoogeveen, terwijl we in het buurtschap Eursing moeten zijn bij Beilen! M. en B. zijn natuurlijk al lang ter plekke als wij aan komen zetten. Pfft… opnieuw klein leed. Snel overgestapt in onze auto en daarmee naar het beginpunt van de wandeling bij de V.A.M. berg gereden. Aldaar kijk ik met mijn suffe kop niet goed op de gps en lopen we eerst de verkeerde kant op. Gelukkig op tijd door! Anders was het groot leed geworden met al die extra kilometers!
Deze laatste twee etappes lopen we weer best veel over asfalt. We blijven dat jammer vinden en het is ook zwaarder lopen. Nederland verhardt (letterlijk en figuurlijk) los van het feit dat de route natuurlijk door de thematiek veel in de buurt van het spoor loopt en daarmee de kans op onverharde wegen kleiner is. We lunchen op een bankje in Wijster vlakbij een snackbar. Tegenover staat een enorme woonboerderij te koop. B. kan het niet laten om even te checken op Funda wat de vraagprijs is. Het valt ons nog alles mee, wij zijn ‘westerse’ prijzen gewend. Misschien ter zijner tijd toch maar gaan drentenieren ;-). De tocht gaat verder naar Beilen. We schampen aan het centrum (maar goed daar zijn we ook al geweest) en via een groot GGZ terrein lopen we naar de buitenwijken van Beilen. We lopen langs een ommuurd gebouw met hoge muren en prikkeldraad waarop ‘duurzaam verblijf” staat. We vragen ons af wat het voor verblijf is, de term ‘duurzaam verblijf’ vinden we nogal eufemistisch klinken. De website van de GGZ biedt uitkomst.
Het laatste stuk is het buffelen langs een recht toe recht aan fietspad richting Eursing. Overal hangen bij de boerderijen de Nederlandse vlaggen op de kop. Hier worden de boeren volmondig gesteund in hun acties tegen de overheid. Als we bij de auto komen blijkt de koplamp stuk te zijn gereden en de bestuurdersdeur wil niet meer open. Er ligt een brief onder voorruit. De dader meldt zich al snel, het is een jongeman die op de boerderij woont waarnaast B. de auto in de berm heeft geparkeerd. Hij legt uit dat hij de auto niet heeft gezien, er staat nooit een auto en bij het achteruit rijden hij er ineens tegen aan zat. Zijn vader komt ook aangelopen. Die komt met een heel verhaal alsof we op zijn erf staan en dat we half op een brandweerput staan en of we de kosten niet 50-50 kunnen delen. De jongeman vraagt of het zonder aangifte kan want hij is beginnend chauffeur. Hij wil er liever geen verzekeringswerk van maken want het kost hem dan schade- en rijvaardigheidpunten. Tot dat laatste is B. best bereid. Maar de claim van pa dat het geen openbare weg en eigen terrein is is onzin. Er staat notabene een straatnaambordje en een bord ‘doodlopende weg’. In de categorie klein leed is deze wel echt vervelend, want hoewel het maar blik is vreest B. dat er gedoe van gaat komen door de houding van pa. De jongeman zelf is heel reëel.
Dan gaan we op naar de camping Midden-Drenthe in Zwiggelte. De eigenaren zijn leuke gastvrije mensen. De ontvangst is heel relaxed, we worden wegwijs gemaakt in het reilen en zeilen op de camping. B. en M. zitten in een trekkershut en ze hebben ons er keurig tegen over geplaatst. Het enige kleine nadeel vind ik dat we recht onder hoogspanningsdraden staan, maar ja dat is de plek van de trekkershutten. Door al ons oponthoud hebben we niet heel veel tijd meer om te borrelen, het is één blik bier (dan wel een halve liter ;-), douchen en op de fiets naar Hooghalen. Daar hebben we gereserveerd bij het Wapen van Schotland. Wat een heerlijk eten en wat een leuke vlotte bediening.
Als laatste gasten vertrekken we, we hebben nog een toetje genomen en dat is zo uitbundig dat we echt ons best moeten doen om het op te krijgen. Klein leed van een andere categorie 😉 Dan op de fiets terug. Hier in Drenthe is het buiten de dorpen vaak echt donker. We rijden een stuk door het bos en we zijn blij met de kattenogen op het fietspad. Een snoer van lichtjes op ons pad. Op de camping aangekomen hebben we geen zin meer in een afzakker. We gaan naar bed.
Zondag hebben we een relaxte start. We hebben verse broodjes besteld, die bakken ze zelf op de camping. Lekker hoor! Met een gekookt eitje erbij, ook van de kippen van de camping hebben we zo een goede start van de dag. We zetten één auto bij kamp Westerbork. De andere weer bij Eursing, deze keer maar aan de andere kant van het Oranjekanaal. Voor de zekerheid nemen we nog een foto van de situatie en het straatnaambordje. Dat zijn we gisteren vergeten.
Het eerste stuk is weer asfalt. We lopen langs een soort manifestatie die we niet thuis kunnen brengen. Is het een boerenactie? In het weiland net voor Hooghalen staan heel veel auto’s, wat trekkers en graafmachines. Een paar tenten met banieren. We kunnen er eerst geen wijs uit worden. Maar als we de tekst op de banieren zien en we zien in de verte mensen met een stok met een schotel er aan zwaaiende bewegingen over het land zien maken denken we dat het een wedstrijd ‘schatzoeken’ is. Een bijzondere gezicht zo met al die mensen al zwaaiend met hun detectoren over het land.
Dan lopen we door naar het Heuvinger zand en van daaruit is het nog maar een klein stukje naar Hooghalen. Daar lonkt het terras van het Wapen van Schotland. Tijd voor koffie met kersenvlaai deze keer. Dan wachten ons de laatste kilometers van het Westerborkpad. Dat loopt via de oorspronkelijke looproute van station Hooghalen naar kamp Westerbork. Voordat het spoor doorgetrokken was naar het kamp zelf liepen de joden van station Hooghalen naar het kamp. Nu loop je langs een vakantiepark en over een lange asfaltweg naar het kamp. Langs de weg staan 93 bielzen met het verloop van de afvoer van joden naar werk- en concentratie kampen. Iedere biels staat voor een transport, noemt de bestemming en het aantal afgevoerden. Je krijgt er kippenvel van. Lijkt de weg langer door deze kille weergave van deze genocide?
Van het kamp Westerbork is weinig meer over. Een paar overblijfselen, de woning van Gemmeker de kampoverste staat er nog. Onder een grote stolp om hem te bewaren. Verder staat er een wagon en een barak. Beiden gered van vernietiging elders in het land. Veel van de materialen zijn verkocht na de oorlog, spullen waren geld waard en of er al een breed besef was dat deze schandvlek niet uitgewist kon worden weet ik niet. Ik vind het ook vrij bizar dat de sterrenwacht met zijn enorme telescopen op hetzelfde terrein staat. Wij Nederlanders zijn er niet goed in om onze geschiedenis met de goede en slechte kanten onder ogen te zien. Voor mij beeldt het kunstwerk met de omhoog gebogen treinrails niet alleen de wanhoop uit van de joden. Ik voel er ook machteloosheid bij over hoe de koopmansmentaliteit in Nederland vaak de overhand krijgt. Dat het museum niet gratis toegankelijk is vind ik daarvan een voorbeeld. Dit verhaal zou door iedereen bezocht moeten worden en kunnen worden, zonder financiële drempels! Het terrein is gelukkig wel vrij toegankelijk.

In het museum wordt de historie van het kamp vertelt. Ik krijg kippenvel van de persoonlijke verhalen en beelden. Het is behoorlijk cynisch dat de joodse vluchtelingen zelf de kosten moesten dragen voor het Kamp Westerbork. Het is voor de oorlog voor en door de vluchtelingen uit nazi-Duitsland opgebouwd. Het werd door de Duitse bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog overgenomen. Na het eind van de oorlog werden er gedeeltelijk landverraders in gehuisvest, naast ook Joodse ontheemden. Daarna is het ook nog lang in gebruik geweest als opvangplek voor Nederlands-Indiërs en Molukkers. Ook dat vind ik bepaald cynisch.
Bij de balie ontvangen we een speldje en een oorkonde op vertoon van het wandelgidsje. We hebben het volbracht. Als bekroning besluiten we een biertje te nemen bij het Wapen van Schotland. Een waardige afsluiting van een pad vol herinneringen aan een zwarte bladzijde uit onze geschiedenis.










Over de Bussumerheide, een stukje natuur ingeklemd tussen bebouwing van Naarden, Bussum en Hilversum. Daar loopt een kudde schapen, gelukkig zie je dat vaker tegenwoordig. Ik blijf het een mooi gezicht vinden. Daarna lopen we al snel weer de buitenwijken van Hilversum binnen. Daar treffen we een gezellig koffietentje, waar we even kunnen zitten. De koffie is uitstekend en de pecanpie en carrotpie smaken prima. Versterkt kunnen we verder. We hebben besloten om drie etappes in twee dagen te lopen, dus we lopen vandaag ook een stuk van de etappe naar Hilversum Sportpark tot Nieuw Loosdrecht. Door het centrum van Hilversum, dat een beetje een rommeltje is. Prachtige jaren twintig en dertig panden afgewisseld met modernere panden die qua stijl botsen met de statige panden. Midden in het centrum ligt een verstilde plek, een begraafplaats waar opnieuw een gedenksteen is aan de gestorvenen in de concentratiekampen. Het laatste stuk van die dag richting Nieuw Loosdrecht is wat saai, langs een industrieterrein.