We staan op ons gemak op. Na het ontbijt lopen we naar het dorp via de inmiddels bekende maar ongemakkelijke route langs het spoor. We willen met de Kuranda riverboat van 10.45 mee om een klein boottochtje over de rivier te maken. We zouden zoetwaterkrokodillen en schildpadden kunnen zien. Mooi op tijd komen we aan. Het spotten van de schildpadden zal niet een heel groot probleem zijn, onze schipper stuurt de boot eerst naar de overkant van de rivier. Daar krijgen we brood aangereikt, en vertelt ze ons dat de schildpadden en twee vissoorten zo gewend zijn om op dit tijdstip gevoerd te worden dat ze allemaal te voorschijn komen. En dat is dus ook zo. Al snel duiken er allerlei schildpadkopjes uit het water op zoek naar stukjes brood. De vissen die zich laten zien zijn de zoetwater grunter en de archervis. De laatste spuit met water insecten uit de bomen en eet ze dan op. Hebben we wel eentje gezien bij David Attenborough… dus we weten hoe het er in de praktijk uit ziet, maar nu hoeven ze dat niet te doen. Het brood hangt niet in de boom.
We varen verder en ondertussen vertelt de schipper het één en ander over de rivier en het regenwoud. Ze vertelt dat er onderzoek is gedaan naar de verscheidenheid aan planten in het woud. Op 1 km2 oerwoud zijn meer dan duizend bomen en planten gevonden. En ze vertelt ons dat we goed op moeten letten, zoetwaterkrokodillen zijn lastig te spotten. We zien er twee op,deze boottocht, en de eerste is echt lastig te zien. Zoals met veel dingen in het leven, als je het eenmaal doorhebt ga je het zien 😉 Zoetwaterkrokodillen zijn veel kleiner dan hun agressieve zoutwaterbroers. Ze zijn ook niet gevaarlijk voor mensen, hun bek is veel te klein. Ze eten vis. Ze eten bv ook geen schildpadden, daarom zijn ze vaak samen te zien.
Na de boottocht maken we de rest van de wandeling om het dorp af. We nemen de omweg via de asfaltweg naar de Barron Falls, we willen de watervallen hier wel zien. Het is pittig warm, we zweten er van. We zien langs de kant van de weg een dode hagedis liggen. Je kunt aan de Falls zien dat in het regenseizoen het een indrukwekkende massa water moet zijn die naar beneden valt. Nu is het een leuke waterval, maar ook niet meer dan dat. Aan de bovenkant van de waterval kun je de oude waterkrachtinstallatie zien liggen, er is inmiddels een moderne variant gekomen verderop stroomafwaarts in de gorge.
We lopen terug naar het dorp om de wandeling helemaal af te maken. Joep wil nog een foto maken van de hagedis maar die is verdwenen. Iets of iemand heeft het dode beest weggehaald.
Als we het dorp weer binnen lopen staan er twee politieauto’s langs de kant van de weg. Ik vraag me af waarom. Joep loopt achter mij en zal een korte oversteek maken als hij door één van de agenten wordt aangesproken op dringende toon: “don’t walk over there, mate. There’s a broken powerline.” En dan zien we dat er een electriciteitsdraad geknapt is en half over de weg ligt. We snappen nu waarom daar politie staat, en heel fijn dat de man Joep op tijd waarschuwde. Die had het net als ik niet gezien, maar ik had een wijdere oversteek genomen. Joep is van de olifantenpaadjes, de shortcuts… dat had nu een heel erg lelijke afloop kunnen hebben.
We lopen via het laatste stukje junglewalk het dorp weer in en willen dan bij de information centre de trein en skyrail tocht boeken. Helaas, de stroom is uitgevallen wordt ons gemeld. Ach ja, we hebben het net gezien. “That’s the tropics for you” zegt de dame achter de balie. Dit is nu de tweede keer dat we tijdens onze vakantie een stroomstoring mee maken, het lijkt hier toch meer voor te komen dan in ons land. Maar ja de stroomdraden lopen hier vaak nog gewoon boven de grond. Als er dan een boom omvalt dan breekt er al snel een draad natuurlijk.
We besluiten een biertje te drinken om ons vocht aan te vullen. In het restaurant vragen ze of we cash kunnen betalen, want ook hier werkt de elektriciteit niet. Op het terras van het restaurant lijkt het wel of je in een volière zit, zoveel vogelgeluiden. Na twee biertjes houden we het voor gezien, nog even kijken of ze leuke t-shirts hebben en anders gaan we terug naar de camping. Twee shirts rijker gaan we voor de laatste keer onze illegale tocht langs het spoor maken.
Op de camping natuurlijk ook geen stroom maar gelukkig zit er naast een waterkoker ook een ketel in de bus. Kunnen we toch thee zetten. Aan het eind van de middag doet de stroom het weer, is ook fijn.
Lekker rustig aan gedaan daarna, eten gekookt, op tijd naar bed.
