Rondje Kraansvlak

27 november 2020

Het is mistig als ik besluit om het Duinpieperpad in de Zuid-Kennemerduinen te gaan lopen. Ik wil op zoek naar wisenten die op het Kraansvlak lopen. De weersvoorspellingen zijn dat het zal gaan opklaren, dus ik hoop om mooie heldere plaatjes in de duinen. Ik heb de aanwijzingen op de website niet helemaal goed gelezen dus parkeer ik mijn auto eerst bij het bezoekerscentrum. De wandeling door het Kraansvlak start niet daar, je kunt vanuit het bezoekerscentrum alleen naar een uitkijkpunt lopen waar je ook wisenten zou kunnen zien. Maar dat is niet mijn bedoeling. Ik rijd van de parkeerplaats af en rijd door richting Bloemendaal. Daar kan ik mijn auto aan de boulevard parkeren en van daaruit een stukje teruglopen richting de ingang van het Duinpieperpad.

Je kunt de wandeling door het afgerasterde gebied alleen lopen tussen 1 september en 1 maart. Daarbuiten is het afgesloten in verband met het broed- en kalverseizoen. Dus nu kan het mooi. Het is helaas niet opgeklaard, er valt een lichte miezer als ik de wandeling begin. Die houdt even later weer op maar echt opklaren wil het niet. Geen heldere plaatjes, wel sfeervolle mistige beelden.

Het Kraansvlak is een prachtig ruig duingebied. Er lopen naast wisenten ook Konikpaarden en Schotse hooglanders. Door het zachte najaar zie ik nog late teunisbloemen, paardenbloemen afgewisseld met duindoorns volgeladen met bessen, kardinaalsmutsen en liguster. Zomer, herfst en winter bij elkaar.

Ik doorkruis de duinen met daartussen vlakke valleigebieden en speur verwoed om me heen. Waar zijn de wisenten nu? Nou ja, ik weet ook wel dat de natuur zich niet laat regisseren dus het zal geluk zijn als ik er een paar ga zien. Ik zie in de verte dieren liggen maar kan aan de kleur wel zien dat dit geen wisenten zijn. Twee imposante Schotse hooglanders en een kalf van ongeveer een jaar oud. Of dat bij hooglanders ook een pink heet net zoals bij koeien weet ik eigenlijk niet. Ik zie wel uitwerpselen die ik verslijt voor mest van wisenten, de dieren zelf blijven vandaag buiten beeld.

Op de terugweg naar de auto zie ik nog wel een konijn onder een struik dekking zoeken. Een brutale kraai landt op het bankje waar ik een kopje thee heb gedronken en een mueslireep heb opgepeuzeld op zoek naar kruimels die ik heb laten vallen. Die heeft duidelijk ergens in een boomtop of struik zitten loeren op zijn kans. Helaas voor hem is er niets van zijn gading te vinden. Met nog een merel, een vink, een torenvalk en een ekster in het vizier maken deze wandeling door dit fraaie duingebied zeker de moeite waard. Toch nog maar een keer terug om te kijken of de wisenten zich dan willen laten verschalken….

Ommetje Eilandspolder

2 november 2020. Ik had me al een tijdje voorgenomen om het ommetje dat deze zomer in de Volkskrant stond te gaan lopen op één van mijn vrije maandagen. Nu schieten de vrije dagen er met enige regelmaat bij in maar gisteren was het me gelukt mijn agenda leeg te houden. Ook al waait het stevig, zo’n windkracht zes à zeven, de voorspellingen zijn dat het grotendeels droog blijft en dus ga ik. Lief is zo aardig om mij af te zetten in Schermerhorn waar de wandeling start bij de kerk, hij gaat deze keer niet mee.

De route gaat eerst naar het noorden richting Ursem. Het miezert stevig door en met de wind die van achteren komt maakt dat mijn voornemen om mijn regenbroek niet aan te trekken geen stand houdt. Het waait zo hard, de regen striemt in miezervlagen over het land en daar word je toch erg nat van. Met enige moeite lukt het me om mijn voeten door de wapperende broekspijpen te wurmen. Zo uitgedost loop ik verder over het grasdijkje richting het loopbruggetje halverwege Ursem. Of beter gezegd naar het Noorderpolderhuis waar in de zeventiende eeuw de molens werden gebouwd door de poldertimmerbaas. Ter hoogte van dat punt steek ik de ringvaart over en lus weer terug naar Schermerhorn.

Ik steek de provinciale weg over en loop over de Molendijk richting Grootschermer, Graft en De Rijp. Als ik later terugkijk op het routeplaatje in de Volkskrant blijkt dat ik toch links van het water had kunnen lopen over een grasdijk. Maar goed, over de dijk was het ook prima wandelen, al was dat over asfalt. Het is opgehouden met regenen en met een temperaturen van rond de 16 graden krijg ik het al snel warm in de regenbroek. Toch akker ik door, de lucht trekt nog niet zo open dat ik denk dat het droog blijft. Als ik even later in Grootschermer ben stop ik even bij de kerk. Dan trek ik toch de regenbroek maar uit, inmiddels is het zweten geblazen worden met regenbroek aan.

Aan het eind van Grootschermer steek ik een boerenlandpad op en dan ligt de Eilandspolder in volle glorie voor mij. De zon breekt zelfs een beetje door, en dat geeft dit oer-Hollandse landschap nog een extra dimensie. Witte wolken jagen over het groene grasland, het water klotst in kleine bruine golven door de sloten. Ik zie onderweg wat tekens van Lange Afstandswegen, van het Trekvogelpad. Gaandeweg de route snap ik helemaal waarom dit pad hier langs loopt. Ik zie smienten, brandganzen, kieviten en spreeuwen. Allemaal hier aangekomen uit noordelijker streken om hier te overwinteren of nog op doortocht. Ik wil er best een foto van maken maar zoals gezegd waait het nogal. Het valt niet mee om je camera stil te houden bij deze windkracht. Ik doe een paar pogingen en zie straks wel hoe goed ze gelukt zijn.

In De Rijp strijk ik neer naast De Waag. Je zit hier echt in het historische hart van dit voormalige walvisvaardersdorp met stedelijke grandeur. Grachtjes, herenhuizen, een prachtige oude waag. Je ziet dat het een rijk verleden heeft. Ik geniet van een kopje thee en eigen gemaakte mueslireep op het bankje in de luwte. Op maandag buiten het seizoen is de kans dat horeca open is toch al klein, maar nu is alles dicht in verband met corona. Dus ik ben blij met mijn thermoskannetje thee en meegebrachte broodjes en mueslirepen. Zo versterkt kan ik weer verder.

Inmiddels heb ik ‘de kaap’ gerond, dat wil zeggen dat ik over de helft ben. Dus loop ik nu aan de binnenzijde van de ringvaart met de wind in de rug over een grasdijk terug richting Schermerhorn. Je kunt je als je de elementen van nu, trekkers en elektriciteitsmasten, wegdenkt een beeld schetsen van hoe het hier drie-vierhonderd jaar geleden uitzag. Kleine, smalle langgerekte akkers afgewisseld met slootjes en vaarten. Bruggetjes over het water waarmee de eilandjes met elkaar verbonden zijn. Een kerkepad waarover gelovigen tussen de weilanden door naar de katholieke schuilkerk in Grootschermer liepen. De historie ligt hier voor het opscheppen.

Ik heb Schermerhorn inmiddels al weer in het vizier als een haas voor mij uitsprint. Iedere keer als ik te dicht bij zijn tijdelijke schuilplaats kom holt hij weer een stukje verderop. Totdat hij het spelletje zat is en met een flinke haakse bocht het hazenpad kiest het weiland onder de dijk in. In Schermerhorn is het nog een paar straten door en dan sta ik bij de kerk op wacht tot mijn lief als taxichauffeur opduikt. Een prachtige tocht voltooid die ik zeker nog een keer over ga doen, dan ook over de grasdijk parallel aan de Molendijk.

Watertrappelen in de Amsterdamse Waterleidingduinen

31 oktober 2020 Samen met onze vrienden B. en C. een dagje wandelen in de Amsterdamse Waterleiding Duinen. Een trage tocht van 15 kilometer vanaf Vogelenzang. De weersverwachting voor het weekend zijn dat zaterdag de meeste kans op goed weer is, zondag meer kans op regen. Vriendin C. is vandaag jarig. Ze wilde voor haar verjaardag een dag wandelen met ons, als wij dan de wandeling uitzochten. Omdat we hier in het voorjaar een fraaie wandeling hebben gemaakt, een iets andere dan deze en omdat het nog bronsttijd is lijkt het ons een goed idee om hier een wandeling te maken.

We zijn niet de enigen met dat idee. Er is gelukkig nog wel plek op de parkeerplaats tegenover het restaurant De Vogelensangh. Omdat door corona dit restaurant gesloten is durven wij hier wel te gaan staan, ook al is het alleen voor restaurantbezoekers. Het eerste stuk gaat langs de provinciale weg, maar al snel slaan we af richting een landgoed. En vlak daarna langs een pannenkoekenrestaurant en de grote parkeerplaats waar het megadruk is. Auto’s rijden af en aan over de smalle toegangsweg. We kopen een dagkaart en lopen dan het gebied van de AWD in.

Het is echt druk hier vlakbij de ingang. Het is dat we in de openlucht staan, niet iedereen vindt het makkelijk hier 1,5 meter afstand aan te houden. Het is dan in het voorbijgaan en niet bij stilstaan dus de kans dat hier een besmetting optreedt is heel erg klein. Toch maar snel doorlopen naar waar het rustiger is. Het bos is in herfstkleuren en het ruikt ook lekker naar najaar. De geur van aarde, lichte rotting en verval.

Als we iets verder zijn zien we het eerste damhert. Een jong mannetje. Hij loopt langzaam voorbij, in alle rust. We horen een vogel boven ons hoofd zingen. Ik volg de tuinvogelcursus van de Vogelbescherming en herken hier een boomklever in. Helemaal bovenin een oude boom zien we alleen de zalmroze, lichtbruine onderkant. Het is een druk baasje dus het lukt niet goed om hem te volgen met de verrekijker, laat staan op de foto te zetten.

De tocht voert ons verder het gebied in. Zodra we iets meer de vlakte op gaan zien we meer damherten. De mannetjes met grote geweien omringd door een grotere of kleinere roedel hindes. Als we plaats nemen op een bankje voor een kopje koffie kunnen we meegenieten van een hertenbok die zijn roedel probeert te verdedigen tegen uitdagers. Er wordt geburld en als ik een foto wil maken van het mannetje komt hij behoorlijk intimiderend steeds dichter bij. Gelukkig beschouwt hij mij toch als te oninteressant en blijft hij op zo’n twintig meter staan.

Als wij weer verder lopen horen we achter ons de bokken naar elkaar burlen en we horen ook dat er geweien tegen elkaar kletteren. Gezien hebben we het helaas niet… Her en der zien we hertenbokken met een paar hindes of bokken zonder roedel die eenzaam door het landschap sjokken. Iets verderop ligt een bok uit te rusten, moegestreden? Niet meer fit genoeg voor een eigen kudde?

De tocht voert ons naar een bruggetje waar we een waterloop over moeten steken. Hmmm, het heeft blijkbaar toch zoveel geregend de afgelopen dagen dat de brug onder water staat. Een blik op de kaart leert ons dat het best een stuk omlopen is naar de volgende brug. We kijken elkaar aan en dan besluiten we onze schoenen en sokken uit te trekken. Dan maar ‘watertrappelen’ tot net over de enkels over de brug heen en ons stevig vast houden aan de leuning. Aan de overkant drogen we onze voeten zo goed en kwaad als het kan af. Andere wandelaars hebben de oversteek net na ons precies andersom gemaakt, beetje lacherig en grappend naar elkaar en naar ons. Een echtpaar dat voorbij komt is blij dat hun route niet over de brug gaat. Wij vonden het wel grappig en extra beleving geven aan onze wandeltocht. Volgende keer misschien toch maar een kleine handdoek meenemen voor het geval we weer eens een watertje over moeten steken.

We lopen richting de ingang bij De Oase waar het heel erg druk is. Auto’s staan in de rij om een plekje te krijgen op de parkeerplaats. Wij lopen door en steken de weg over. Het laatste stuk van de route gaat over de buitenplaats Leyduin. Een mooi oud bosgebied dat nu in de volle herfsttooi. En dan is het nog een klein stukje langs de weg naar onze auto. Heerlijk gewandeld en een route om vaker te doen.

Zand en bos, Westerborkpad Harderwijk-Nunspeet-Verscholen Dorp

We lopen dit weekend twee etappes van het Westerborkpad met onze vrienden M. en B. We boffen met het weer, een klein beetje miezer op zaterdagochtend, daarna vooral rustig najaarsweer. We hebben dit weekend en de overnachting al een tijd geleden geboekt, en ook al is Nederland weer in een bijna lockdown gegaan, de hotels blijven open. En tja, dan krijg je dus niet je geld terug als je wilt annuleren. Dus gaan we, tijdens de wandeling zijn we veel in de grote open ruimte. In het hotel mondkapje op en afstand houden.

Harderwijk is een leuk oud vissers- en universiteitsstadje. In de zeventiende eeuw had Harderwijk een universiteit waar onder andere de beroemde plantkundige Linneaus aan studeerde. Je ziet de rijkdom terug in de huizen, je ziet ook de kleine vissers- en arbeidershuisjes. De Zuiderzee is niet meer, in de verte zien we het Nuldernauw liggen. Er is nog een stuk van de oude stadsmuur, een vismarkt. De synagoge uit de negentiende eeuw is gerestaureerd en heeft een plaquette aan de buitenkant met de namen van de in de Tweede Wereldoorlog vermoorde Joodse inwoners van Harderwijk. Nu is het een inloophuis vanuit een christelijke signatuur.

Het Westerborkpad loopt op grote delen parallel met het treinspoor. Dat is op zich logisch want dit is een herdenkingspad aan de afvoerroute van de Joden naar Westerbork. Toch brengt het met zich mee dat ook best grote stukken van het pad wat saai zijn, langs stukken industrieterrein en rechte stukken langs het spoor. Zo ook nu. Zodra we het pittoreske centrum van Harderwijk uit zijn lopen we een heel stuk langs een lange rechte weg, Harderwijk uit, langs de rails. Jammer, want niet erg inspirerend.

Gelukkig slaat het pad op een gegeven moment dan toch af, over het spoor, richting het Hulshorsterzand. Dit stuifzandgebied doet denken aan de Loonse en Drunense duinen. Grote stukken mul zand afgewisseld met heide en vliegdennen. Heel fraai. Het zonnetje schijnt, aan de horizon dreigen donkere luchten. Een schaapskudde graast onder het toeziend oog van de herder en zijn hond op de hei. Een idyllisch plaatje uit vervlogen tijden. Omdat het waarschijnlijk één van de laatste mooie weekenden van het jaar is, is het behoorlijk druk in het gebied. Maar het is ruim genoeg om de 1,5 meter afstand tot andere wandelaars te kunnen bewaren.

Na het ploeteren door het zand steken we opnieuw de A28 over en we lopen door het bos naar Nunspeet. We zien nog een zwarte specht wegschieten, te snel weg voor een foto. Daar overnachten we bij de Hoeve van Nunspeet. Een familiehotel met zo’n 80 kamers. En het is volgeboekt! Het is dus goed plannen voor het eten want ook hier dienen de voorzorgsmaatregelen in acht te worden genomen.

De volgende ochtend ontbijten we onder hetzelfde regime. Lief J. geeft onze thermoskannen af, voordat hij iets kan zeggen geeft de dame aan dat ze dit soort kannen wel kent en dus voor ons zal vullen. Dat is fijn want dan hebben we straks ook nog een kopje koffie en thee onderweg nu alle horeca gesloten is.

Vandaag lopen we voornamelijk door bos, een rondwandeling richting Vierhouten waar in de Tweede Wereldoorlog een verscholen dorp was waar zo’n 80 tot 120 mensen ondergedoken zaten. Het dorp is nagebouwd, een paar hutjes onder de grond midden in het bos. De onderduikers daar zijn destijds per ongeluk ontdekt, twee Duitse soldaten die aan het jagen waren zagen een jongen met emmers een brandgang over steken. Ze riepen hem aan, schoten op hem en door het geluid van de schoten konden de meeste onderduikers gelukkig een veilig heenkomen vinden. Toch zijn er toen de soldaten met versterking terugkwamen een aantal onderduikers opgepakt en ter plekke gefusilleerd in door hen zelf gegraven gaten. Je realiseert je altijd weer bij dit pad hoe kwetsbaar onze vrijheid is en hoeveel levens zijn gebroken en beëindigd in deze strijd.

Het is een fraaie tocht die wel grotendeels langs betonnen, rechte fietspaden loopt. Maar omdat het door afwisselend bosrijk terrein is kan dat de pret niet erg drukken. Overal langs het pad zien we paddestoelen, de herfst is duidelijk aangebroken. De bladeren beginnen ook al te kleuren en het is ook wat mistig als we ’s ochtends de eerste paden opgaan. Op stukken zand zien we soms hoefafdrukken van herten en langs het pad zitten hele stukken omgewroete aarde door everzwijnen. Van beide dieren helaas geen spoor, dat hadden we wel leuk gevonden. We moeten het doen met vogelgezang, ook leuk, en voorbijsnellende fietsers of elektrische stepberijders. Er ligt een prachtig verstild ven waarin de bomen in herfsttooi zich spiegelen. Het past bij een wandeltocht waarbij we voortdurend tot overdenking worden gemaand. Verstilling.

Het is dan een wat ruwe overgang als we langs de Zanderplas lopen, een recreatiegebied vlak naast de snelweg en vlakbij Nunspeet. Duidelijk geliefd bij hondenliefhebbers dus het is een hollen, rennen, apporteren van en door honden. Nou ja, dat hoort er ook bij op zo’n wandeltocht. Zelden loop je helemaal alleen, je komt toch vaak wel mensen al dan net vergezeld door een hond of te paard tegen. Gelukkig zijn er veel mensen die van de buitenlucht willen genieten. Een torenvalk beziet het allemaal van een tak in een den. Aangezien er geen afsluitend biertje in zit in een restaurantje scheiden onze wegen zich bij station Nunspeet en zit het weekend er al weer op.

Petten

We houden er van om af en toe een feest te geven. 5 jaar geleden werd lief 65 en ik 50, hij geboren in 1950, ik in 1965. Een leuke omdraaiing van leeftijd en geboortejaar. Dit jaar ben ik 55 geworden en wordt lief 70, samen 125. Dat leek ons wel een reden voor een dansfeest aan het strand. Maar helaas, het werd een feest dat geen feest werd. Wij hadden aan het begin van het jaar toen we het feest boekten bedacht om dan ook nog een weekje op de camping in Petten er aan vast te plakken. Camping Corfwater, een erkende ANWB camping, wat ons betreft niet echt leuk. Het is een grote verzameling van campers en caravans met daar tussen een paar tentenveldjes en wat trekkershutten. Het gaat slecht in Nederland en Duitsland, maar niet heus, het is alsof je op een camper- en caravanbeurs staat. Echt vriendelijk zijn ze ook niet, erg van de regeltjes en weinig flexibel. Het enige grote voordeel van deze camping is dat je de weg oversteekt, de Hondsbossche zeewering en dan sta je op het strand. En als je dus denkt dat de zonsondergang mooi zal zijn dan ben je snel ter plekke om de zon in de zee te zien zakken.

We hebben het enorm getroffen met het weer. Ik moet op maandag nog werken, de rest van de week heb ik mijn agenda zo leeg mogelijk geveegd. Lief J. en ik gaan dinsdag en woensdag wandelen. Dinsdag doen we dat ten noorden van Callantsoog. Deze tocht loopt langs het strand en door polder. De route is afwisselend leuk maar ook stukken asfalt die minder zijn.

Op woensdag lopen we eerst door het natuurgebied Zwanenwater en daarna weer ten noorden van Callantsoog, iets minder ver naar noorden. We zien onder andere een rode libelle, een zilverreiger en het zeldzame plantje parnassia. Dat is een lief bloemetje en we boffen dat het nog bloeit. Op donderdag gaan we op aanraden van mijn collega P. van het Stedelijk Museum Alkmaar naar het openlucht museum en beeldentuin van Rudi van der Wint in Den Helder zuid. Wat een verrassing is dit, prachtige beelden en objecten. Voor een ieder die het niet kent, zeer de moeite waard. Je zult een rondleiding moeten boeken, het museumterrein is niet vrij toegankelijk zonder gids. Helaas waren twee kunstwerken niet toegankelijk, die zijn in restauratie.

Na de beeldentuin rijden we naar Kolhorn. Daar lunchen we bij restaurant ’t Anker, een heerlijke vissalade. Vriendelijk personeel in een semi-chique omgeving. Ik vermoed dat je er ook uitstekend voor een diner terecht kunt. Zo’n lunch moet ook een beetje verwerkt worden dus we lopen een klein rondje rond Kolhorn. Opnieuw bevalt me dit plaatsje, het is lief en knus en pittoresk. Een inwoner van het dorp hoort ons praten en meldt instemmend dat hij in een heel mooi dorp woont. Waarvan acte 😉 Om de kampeerweek af te ronden sluiten we af met een etentje bij Zee en Zo. Geen dansfeest daar, maar wel heerlijk gegeten.

Zondag maken we dan nog een wandeling door de Schoorlse duinen. We deden deze al eerder, de stuifduinen route, 17 kilometer. Qua afstand prima te doen, maar het ploeteren door de duinen en het zand maken het tot best een pittig tochtje. Lekker weer erbij, en dan is het genieten van het duinlandschap, het strand en de zee en dat allemaal om de hoek.

Vakantie in delen, 7

26 augustus 2020. Vandaag vieren we onze negende trouwdag. Dat vieren we altijd met een etentje, meestal in een grote stad. Dit keer wordt het een dagje Lüneburg. Dat is een oude hanzestad, en dat zie je terug in de gebouwen. Bijzonder dat je op verschillende plekken in Europa de hanzestijl terug ziet, allemaal wel met een iets andere ‘look and feel’, wel heel herkenbaar. Lüneburg straalt hetzelfde uit als de Scandinavische en Baltische hoofdsteden, met name de vergelijking met Riga en Talinn en Stockholm dringt zich op. Er zijn gebouwen bij met Moors aandoende bouwstijl afgewisseld met classistische gebouwen en natuurlijk het Duitse vakwerk. De Johanniskerk en Nicolaas kerk bieden ons onderdak terwijl het buiten gestaag doorregent. De interieurs zijn het bekijken zeker waard, dus het is geen straf om hier naar binnen te gaan. Vandaag is echt een dag van regen en nog eens regen afgewisseld met motregen en af en toe horizontale regen en zelfs kleine momenten waarop je vermoedt dat het droog is 😉 We nemen de kans te baat door in de stad naast de toeristische highlights te bekijken ook te winkelen. Ik scoor een nieuwe regenjas, lief een nieuw merinoshirt met kraag. Fijn om in te wandelen. We eten in het Altes Brauhaus.

27 augustus 2020 Vandaag maken we een wandeltocht van Hitzacker naar Drethem. Eerst brengen we onze fietsen weg naar Drethem. Als we met de auto naar Hitzacker rijden dan schrikken we wel van het stijgingspercentage van de weg naar het dorpje. Dat belooft een pittige terugtocht met fiets te worden. Het is een prachtige wandeling langs de Elbe oever, soms lopen we dichtbij de rivier, soms hoog in de heuvels. Als we even pauzeren zien we aan de overkant van de rivier een paar reetjes die in de bosjes daar knabbelen aan het groen. Het bos is nattig van de bui eerder die ochtend, daarna breekt de zon door. Het is dan gelijk zweten want het wordt er benauwd van. Boven op een heuvel staat een uitkijktoren. Daar kunnen we een heel eind van ons af kijken en zien we iets verderop Drethem al liggen. Het terug fietsen naar Hitzacker is inderdaad pittig, ik moet op de pedalen van mijn stadsfiets gaan staan. Lopen wil ik niet. Hitzacker is een fraai stadje met vakwerk en ook wel een toeristische trekpleiser. Toch zijn alle biergartens allemaal gesloten, dan nemen we op een restaurantboot in de Jeetzel maar een biertje. We verbazen ons over de dam die in de Jeetzel ligt, tegen het hoge water van de Elbe. Maar hoe doen ze dat dan met het water uit de Jeetzel? Dat moet toch ook ergens naar toe? We komen er niet uit. We genieten een laatste maaltijd op de camping en morgen gaan we huiswaarts. We hebben genoten van dit verrassende gebied zo dicht bij huis.

Vakantie in delen, 6

24 augustus 2020 Vandaag breken we op, we verkassen naar Lüneburg, een kleine 40 km verderop. We zeggen gedag zeggen tegen de oude baas op de camping die elke ochtend en elke avond de eenden losliet of weer binnen haalde. Of we er geen last van hadden gehad vroeg hij nog mooi op tijd 😉

We nemen een beetje een omweg en stoppen in Ebstorf waar een oud klooster dit kleine dorpje siert. Het kwartier om het klooster heen is oud en authentiek, snel erbuiten moderne niet al te fraaie gebouwen. Het Rathaus is echt niet mooi. Rondom het klooster, waar we nu op maandag helaas niet in kunnen, staan een paar mooie oude vakwerkhuizen en het fraaie landhuis waar de landheer verbleef als hij kwam jagen.

In Lüneburg staan we op de camping Rote Schleusse. Het is een boscamping maar wel dicht bij snelweg. Die hoor je met name ’s nachts. ’s Middags nadat we de tent hebben opgezet doen we relaxed aan. Er zit een weeromslag aan te komen en dat bemerken we ’s nachts. Er trekt een stevig onweer over om 2 uur ‘s nachts. Het gaat gepaard met stevige windvlagen. Je vraagt je toch af hoe veilig je bent in je tent als de wind aan het tentdoek rukt, dan kruip je nog maar wat dieper weg in de warmte van je slaapzak.

25 augustus 2020 We maken een fietstocht van Bleckede naar Neu Darchau langs de Elbe. Gelijk bij de pont in Bleckede horen we boven ons de schrille roep van een roofvogel. Turend door de verrekijker vermoed ik dat het een rode wouw is. De linkerzijde van de Elbe heeft een treurige geschiedenis, daar waar je nu weids boerenland en fraaie uiterwaarden ziet. Hier was tot 1989 de Duitse Heilstaat van de DDR. Langs de hele loop van de Elbe zolang deze de landsgrens markeerde stonden wachttorens die mensen binnen moesten houden. Ze moesten zelf mee helpen bouwen en graven aan de versperring van prikkeldraad. Je eigen gevangenis mee helpen organiseren, hoe cynisch wil je het hebben.

Gedurende de hele fietstocht lijkt het wel spitsuur met vogels, vooral roofvogels. We zien meerdere keren een rode wouw, een buizerd, kraanvogels (ja alweer) een torenvalk en zelfs een zeearend. Als we bij Neu Darchau op een bankje onze lunch oppeuzelen glijdt er vlakbij ineens een dier het water in, om even later er weer uit te klimmen in die typische golvende gang van een otter. Het gaat zo snel.. was het echt een otter? We kijken elkaar aan, ja het was er echt één… en dan in de vrije natuur. Als we richting Bleckede fietsen zien we in weer een roofvogel laag over het riet en de ruigte scheren: een bruine kiekendief. Het is echt boffen vandaag qua vogels kijken. En dan terwijl we net weer op de fiets zitten reeën op het veld. Het kan niet op! In Bleckede wat een grappig plaatsje is genieten we van een biertje bij Café Zeittraum. We koken op de camping.

Vakantie in delen, 5

22 augustus 2020

Vandaag maken we een wandeltocht door het Wacholder wald en over de Teufelder heide. We moeten eerst geld pinnen want op de camping kunnen we alleen met cash betalen. Het bijzonder dat in Duitsland er veel minder vaak wordt gepind, men heeft liever cash. Dat schijnt iets te maken te hebben met het feit dat men vindt dat de overheid niet alles hoeft te weten en te zien. En dan is contant geld handiger.

Op weg naar de parkeerplaats bij het wandelgebied lijkt het behoorlijk druk. Wordt dat file lopen straks? Wij doen de ‘langste’ route van 12 km. En dan blijkt dat na het eerste begin waarin veel mensen lopen, het al snel uitdunt. Veel mensen maken hier een klein ommetje over de heide, weinig mensen doen de langere route. De wandeling voert ons over en door een mengeling van heide en bos. Er zijn erg weinig bankjes, als we over helft zijn en aan lunch toe, blijkt er precies één bankje langs de heide te staan. De middelste plank is verrot, in het midden. Dus zitten we ongewild en op corona-afstand aan de uiteinden van de bank. Rond vier uur zijn we terug op camping. Relaxen en lezen. Er hangen donkere luchten boven ons tijdens koken, dat is bijna elke avond tot nu toe. Meestal valt er geen drup, en ook nu is het veel wind en maar paar druppels water. Het koelt wel stevig af, dus een truitje aan.

23 augustus 2020

Vandaag weer een wandeling over Lüneburger heide, dit keer rondom Schneverdingen. We staan vroeg op, om kwart over zeven. Lief vindt het maar niks, zo vroeg op staan op vakantie. Het is 3 kwartier rijden en het is een stevige wandeling van 22 km die we op het programma hebben staan. En dan nog aangevuld met een wandeling over het plankenpad tussen de veengaten door. Als ik de gps coördinaten open op mijn Garmin geeft hij aan dat de wandeling 34 km lang is?! Dat zal toch niet? Dat is wel erg veel. Eerst over het plankenpad over de Pietzmoor. Veenplassen, turfgaten die er verstild bij liggen. Het doet wel een beetje denken aan een kruizing tussen De Wieden en de Weerribben, maar dan met heide 😉 Er zit een geelgorsje met snavel vol vliegjes verscholen tussen het hoge gras. Geen vijfde van Beethoven te horen overigens 😉 Even verderop een torenvalk op een kale boomtak tegen een donkere lucht. Fraai.

Dan starten we de ‘echte’ wandeling. De route gaat helaas veel over asfalt en we twijfelen of de gps nu gelijk heeft met 34 km. Dat zou raar zijn want de tekst op de website waar ik de wandeling heb gedownload gaf 22 km aan. We besluiten door te lopen en door te steken door Schneverdingen naar Pietzmoor als we het te lang vinden. We wandelen door landelijk gebied, het is wel mooi op stukken, maar soms ook wat saai met maisvelden en suikerbieten. We spreken af om rond één uur pauze te nemen dan de balans op te maken over wat we gaan doen. Net als gisteren treffen we precies op het juiste moment een bankje aan langs de weg, alsof het er speciaal voor ons is neergezet. We checken tijdens onze pauze de afstandsmeter op mijn Garmin, die geeft ca.7 km aan naar eindpunt. Het mooiste stuk moet nu komen, over de hei, dat zou wel zonde zijn om dat over te slaan. We besluiten door te lopen. Op de hei wordt het wat drukker, dit is duidelijk weer toeristisch wandelgebied. Er rijden koetsjes over de heide. Je kunt niet met de auto het gebied verkennen, alleen langs de randen. Dus moet je of met de benenwagen, het ijzeren ros, per paard of paard met aanspanning de heide verkennen. We zien een raaf midden in een heideveld zitten. Waarschijnlijk krast hij luidkeels, ik zie op afstand dat zijn snavel open staat, en de kop achterover om het geluid voort te brengen. Maar de wind staat de andere kant op, het geluid gaat verloren over de grote overigens niet zo stille heide. Dit is het kerngebied van de Lüneburger heide, grote velden bloeiende heide. Echt zoals je de plaatjes kent van de toeristische folders. Er zit een vogeltje op een struikje midden op de hei, ik vermoed dat het een jonge roodborsttapuit is die nog niet in het bezit van het volle kleurenpalet van een volwassen vogel is. We blijken uiteindelijk toch zo’n 26 km te hebben gelopen dus dat is best pittig. Dan hebben we wel een biertje in Schneverdingen verdiend. Rond zes uur zijn we dan op de camping. Eerst maar eens douchen. Er hangt weer een flinke bui, maar zal wel weer niks zijn. Helaas als we de douche uitkomen blijkt het stevig te regenen, de stoelen die we blijmoedig buiten hadden laten staan zijn zeiknat. Het wordt half binnen koken en binnen eten. Het koelt opnieuw stevig af, de herfst zit al in de lucht.

Vakantie in delen, 4

21 augustus 2020

Vandaag maken we een fietstocht rondom Soltau. De fietsen achterop de auto, we zijn van plan rond de 60 km te rijden op de fiets. We fietsen eerst langs de touristinformatie in de hoop dat er een iets ruimere beschrijving is dan op onze kaart van de AFDC (Fietsersbond). De dame achter de balie is zeer behulpzaam maar helaas er is niets op papier en ook niet online te vinden. Dan moeten we het doen op de kaart want het is een niet bewegwijzerde route.

Het gaat buiten stad al gelijk mis, we zijn te ver afgeweken van de route. We proberen door te steken naar de route die we zouden moeten fietsen. Dat valt nog niet mee, het is elke keer op googlemaps een tussenbestemming intikken omdat je anders via de grote weg wordt gestuurd. Tot Neuenkirchen gaat dat redelijk goed. We fietsen over mooie weggetjes maar soms toch langs doorgaande wegen. Duitse fietspaden…pffft…. de kwaliteit is niet helemaal wat wij er in Nederland onder verstaan. We stoppen in Neukirchen en na koffie met een vruchtenslof fietsen we verder.

En jawel, we missen opnieuw een afslag We gaan het weer proberen met googlemaps. Helaas, we worden letterlijk en figuurlijk het bos ingestuurd. Google is de weg volledig kwijt, wat google (en wellicht door wat er op Duitse kaarten als fietspad wordt aangemerkt) en wij daarmee ook. We worden over bospaden vol keien, graspaden geleid.. ze zouden met een mountainbike misschien te doen zijn maar onze stadsfietsen zijn er niet geschikt voor. We raken enigszins uit onze hum, gaan we dit bos nog uitkomen? Google stuurt ons een pad op dat doodloopt bij weiland terwijl het ons bij de weg zou moeten brengen. J. wil langs de weilandrand, ik denk dat we beter een stukje terug kunnen steken en dan met twee keer afslaan bij de weg kunnen uitkomen. Met enige overtuigingskracht van mijn kant fietsen we zo goed en kwaad als het kan terug en inderdaad we komen op een weg uit. Het voelt alsof we uit de klauwen van de bosheks zijn ontsnapt 😉 Dan heeft moeder natuur een mooie verrassing: er zit een grauwe klauwier op de elektriciteitsdraad, en vliegt een stukje verderop in een bosje. Gelukkig duidelijk zichtbaar en te fotograferen. J. is er niet echt in geinteresseerd, hij moet nog even zijn frustratie over googlemaps overwinnen. We besluiten nu we de route terug hebben gevonden, en ook de wegen op de kaart weer herkennen de route toch af te korten. Onderweg zien we ineens een hele kudde damherten uit het bos komen. Wat een prachtige gezicht.

Vakantie in delen, 3

20 augustus 2020 We hadden deze zomer naar Alaska zullen gaan, maar helaas corona gooide roet in het eten. We hadden ons er op verheugd om bijvoorbeeld zeeotters te zien. Dat zit er dus niet in, dus we kiezen er voor om naar het Ottercentrum in Hankelsbüttel te gaan. Bij gebrek aan zeeotters zullen we ons tevreden stellen met visotters. Ook hartstikke leuk. Behalve otters zijn ook alle andere marterachtigen in dit centrum te zien. Gelukkig wel met een redelijk groot verblijf, ik heb een dubbel gevoel bij dierentuinen. De zichtbaarheid van de dieren is oké, ze worden regelmatig gevoerd en dus laten de meeste dieren zich rondom die tijd goed zien. Het is natuurlijk geconditioneerd gedrag van de dieren, niet normaal. Gelukkig zijn de dieren ook in de gelegenheid om hun natuurlijke gedrag te handhaven. De das, van nature een nachtdier ligt onder de grond lekker te pitten, zoals een das betaamt. Als de boommarter voedertijd heeft geeft deze een show weg van acrobatiek. Wat een mooi beestje. Van otters word ik altijd vrolijk, zulke speelse dieren soepel door het water glijdend en echte familiedieren. Die laten zich volop zien in hun verblijf.

Op de terugweg rijden we via Uelzen om het treinstation van Hundertwasser te bewonderen. Zit er ineens een vos in een wei… mooi beest dat heel relaxed ligt te zonnen maar als we te lang stil blijven staan kiest hij toch het hazenpad. In Uelzen is Hundertwasser station de toeristische trekpleister. Het is prachtig. De stad is voor de rest veel baksteen en ook nog wel een paar mooie gebouwen.

Als we vlakbij camping zijn staat bij de plek waar we eerder deze week bij de kiosk iets dronken staat een kudde heidschnucken met herderin in de berm van de heide. Ze heeft twee honden, één aangelijnd, één heeft dienst. Het is een beste kudde: 800 dieren, schapen en geiten. Herderin en hond hebben wind er goed onder. Als er een paar schapen te dicht bij de weg afdwalen omdat daar het gras groener is, is een schreeuw voldoende om de schapen terug naar de kudde te laten hollen. En als achter haar rug een paar andere afdwalers denken aan haar aandacht te kunnen ontsnappen rukt de herdershond van dienst uit zonder een bevel van de herderin at te wachten om de dieren tot de orde te roepen. Een geolied team.